Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.8

Plaatsvervanging

Onderdeel van Mandaatregeling college en burgemeester gemeente Utrecht

1.. De plaatsvervanging bij afwezigheid van de functionarissen aan wie in deze Mandaatregeling bevoegdheden zijn verleend, is als volgt geregeld: voor de Algemeen Directeur/gemeentesecretaris: in de Instructie gemeentesecretaris en de Organisatieregeling; voor Concerndirecteuren: in de Organisatieregeling; voor de Directeur Concerncontrol, t.a.v. zijn controltaken: in de Organisatieregeling; voor zijn taken uit de Mandaatregeling: bij het onderdeel Concerncontrol in deze Mandaatregeling; voor Directeuren en overige functionarissen: bij het desbetreffende onderdeel in deze Mandaatregeling. 2.. Tijdens de vervanging heeft de vervanger alle bevoegdheden van degene die hij vervangt, met uitzondering van de personele bevoegdheden ten aanzien van zichzelf.

Rechtspraak bij dit artikel