Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.1

Algemeen Directeur

Onderdeel van Mandaatregeling college en burgemeester gemeente Utrecht

4.1.1 Bevoegdheden 1.. De burgemeester verleent de bevoegdheid tot het ondertekenen van de stukken die van het college uitgaan (Gemeentewet, artikel 59a, tweede lid) aan de Algemeen Directeur. De Algemeen Directeur mag deze bevoegdheid beleggen bij de uitvoerend collegesecretaris Bestuursondersteuning. 2.. Het college en de burgemeester verlenen, ieder voor zover het de eigen bevoegdheden betreft, al hun bevoegdheden aan de Algemeen Directeur. 3.. In afwijking van het tweede lid worden de volgende bevoegdheden niet aan de Algemeen Directeur verleend: de personele bevoegdheden ten aanzien van de Algemeen Directeur zelf; de bevoegdheden omschreven in hoofdstuk 2 (Portefeuillehoudersmandaat) onder 2.1 (burgemeesterspenning), 2.5 (stedenbouwkundige plannen), 2.6 (crisismaatregel) en 2.7 (beschikking tot inbewaringstelling); c.. de personele bevoegdheden ten aanzien van Rekenkamerpersoneel en medewerkers van de Ombudsman (hoofdstuk 3); d.. de bevoegdheden uit hoofdstuk 11.1 (opleggen huisverbod) en hoofdstuk 11.2 (Veiligheidsregio Utrecht). 4.. De burgemeester verleent, ingevolge artikel 171 tweede lid Gemeentewet, een volmacht en machtiging aan de Algemeen Directeur om de gemeente Utrecht inzake al zijn bevoegdheden in en buiten rechte te vertegenwoordigen. 5.. De Algemeen Directeur kan de in het tweede en vierde lid aan hem verleende bevoegdheden op zijn beurt verlenen aan functionarissen van de gemeente Utrecht en aan niet-ondergeschikten, en daarbij verder ondermandaat, ondervolmacht of ondermachtiging toestaan. 4.1.2Beperkingen bevoegdheid Voor het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen gelden de volgende beperkingen: Nr. Bevoegdheden Beperking 4.1.2.1 Gemeentewet: artikel 160 eerste lid sub d: opdracht geven voor het uitvoeren van een werk, het inkopen van roerende zaken, het inkopen van diensten of verlenen van concessieopdrachten; als het college heeft besloten die privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten; voor zover het gaat om de bevoegdheid als bedoeld in artikel 8.4.4.3 Geen beperking. 4.1.2.2 Gemeentewet: artikel 160 eerste lid sub d: Het aantrekken van geld in het kader van Treasury Tot en met € 150.000.000. 4.1.2.3 Gemeentewet: artikel 160 eerste lid sub d: besluiten tot het verrichten van overige privaatrechtelijke rechtshandelingen. Tot en met € 10.000.000

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel