In deze regeling wordt verstaan onder:
Algemeen Directeur: de gemeentesecretaris als bedoeld in artikel 102 Gemeentewet;
Bevoegdheid: mandaat, volmacht, machtiging of procesmachtiging;
College: het college van burgemeester en wethouders;
Concerndirecteur: de functionaris als bedoeld in artikel 3 van de Organisatieregeling;
Directeur: hoofd van een organisatieonderdeel als bedoeld in artikel 1 van de Organisatieregeling gemeente Utrecht;
Gemandateerde: de functionaris die van het bevoegde bestuursorgaan de bevoegdheid heeft gekregen namens deze besluiten te nemen;
Griffier: de griffier van de gemeenteraad van Utrecht, tevens directeur van het onderdeel Raadsorganen, als bedoeld in artikel 1 zesde lid van de Organisatieregeling gemeente Utrecht
Machtiging: bevoegdheid om namens het college of de burgemeester feitelijke handelingen te verrichten, die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn;
Mandaat: bevoegdheid om namens het college of de burgemeester besluiten te nemen;
Mandaatgever: het bestuursorgaan dat aan een functionaris de bevoegdheid geeft om namens het bestuursorgaan besluiten te nemen;
Mandaatregeling: overzicht van door mandaatgever aan gemandateerde toegekende bevoegdheden;
Ombudsman: degene die op grond van artikel 81p Gemeentewet is benoemd in die functie.
Ondergemandateerde: de functionaris die van de (onder)gemandateerde de bevoegdheid heeft gekregen om namens de mandaatgever besluiten te nemen;
Ondermachtiging: door de gemachtigde op zijn beurt verlenen van machtiging aan een ander;
Ondermandaat: door de gemandateerde op zijn beurt verlenen van mandaat aan een ander;
Ondervolmacht: door de gevolmachtigde op zijn beurt verlenen van volmacht aan een ander;
Portefeuillehouder: het collegelid dat dit onderwerp specifiek in portefeuille heeft;Volmacht: bevoegdheid om in naam van het college of de burgemeester privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Mandaatregeling college en burgemeester gemeente Utrecht