Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 8.

Artikel 31.

Intrekking, herziening, opschorting en terugvordering

Onderdeel van Verordening Hart voor de Jeugd gemeente Ooststellingwerf 2026

1.. Het college evalueert periodiek of er aanleiding is een beslissing aangaande een verstrekking van een individuele voorziening in natura of in de vorm van een pgb te heroverwegen. 2.. Volgens artikel 8.1.4 van de wet kan het college een beslissing over een individuele voorziening herzien, intrekken, wijzigen of beëindigen als het college vaststelt dat: de jeugdige of zijn ouder(s) onjuiste of onvolledige gegevens hebben verstrekt en de verstrekking van de juiste of volledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid; de jeugdige of zijn ouder(s) niet langer op de individuele voorziening of het daarmee samenhangende pgb zijn aangewezen; de individuele voorziening in natura of in de vorm van een pgb niet meer toereikend is te achten; de jeugdige of zijn ouder(s) niet voldoen aan de voorwaarden die zijn verbonden aan de individuele voorziening in natura of in de vorm van een pgb; of de jeugdige of zijn ouder(s) het pgb niet of voor een ander doel gebruiken dan waarvoor het bestemd is. 3.. Een beslissing tot verlening van pgb kan worden ingetrokken als blijkt dat het pgb binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden. 4.. Een beslissing tot toekenning van een voorziening in natura kan worden ingetrokken als blijkt dat de jeugdige of zijn ouder(s) zich niet binnen zes maanden na de besluitdatum hebben gemeld bij een jeugdhulpaanbieder. 5.. Als het college een beslissing op grond van artikel 31 het tweede lid, onderdeel a van deze verordening, heeft ingetrokken omdat onjuiste of onvolledige gegevens zijn gegeven, kan door het college geheel of gedeeltelijk het geld van de individuele voorziening of het pgb worden teruggevorderd. 6.. Als het college een beslissing op grond van het tweede lid, onder a, heeft ingetrokken, kan het college bij dwangbevel geheel of gedeeltelijk het ten onrechte ontvangen pgb invorderen. 7.. Het college kan, bij een gegrond vermoeden van een omstandigheid als bedoeld in het tweede lid onder a, d, e of f de Sociale Verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een geheel of gedeeltelijke onderbreking van betalingen uit het pgb voor ten hoogste dertien weken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel