Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.1

Afwegingskader woonvoorzieningen

Onderdeel van Nadere regels Maatschappelijke ondersteuning gemeente Doetinchem 2026

1.. De cliënt die vanwege zijn beperkingen niet normaal gebruik kan maken van de woning waar hij of zij hoofdverblijf heeft of zal hebben, kan in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening gericht op het wonen als er geen andere oplossingen zijn of als deze niet toereikend zijn. 2.. De medewerker van Buurtplein kan een maatwerkvoorziening verlenen in de vorm van een woningaanpassing of een maatwerkvoorziening ten behoeve van het zich kunnen verplaatsen in en om de woning. 3.. De maatwerkvoorziening is gericht op het opheffen of verminderen van problemen bij het normale gebruik van de woning. Er worden alleen woonvoorzieningen getroffen in ruimtes met een elementaire woonfunctie voor de cliënt in kwestie. Dit zijn doorgaans alleen de woonkamer, slaapkamer(s), keuken, wc en de badkamer. 4.. Bij de aanvraag van een woonvoorziening hanteert het college het uitganspunt dat cliënten zelf verantwoordelijk zijn voor de keuze van een woning die aansluit op hun specifieke situatie. Het college verwacht van de cliënt dat hij of zij – voor zover mogelijk – bij de keuze van een woning rekening houdt met zijn of haar huidige en voorzienbare toekomstige beperkingen. 5.. Een woonvoorziening wordt verstrekt ten behoeve van de zelfstandige woonruimte waar de cliënt woonachtig is of zal zijn en die geschikt is om het hele jaar door bewoond te worden.

Rechtspraak bij dit artikel