**1..** Elk onderzoek vindt plaats aan de hand van het zogeheten stappenplan, zie ook artikel 2.4 van de verordening. Het hanteren van dit stappenplan, zorgt ervoor dat elke melding zorgvuldig wordt onderzocht en de situatie van de jeugdige en/of ouders op juiste wijze wordt beoordeeld. Het stappenplan is gebaseerd op het onderzoekskader van de wet en binnen de rechtspraak aangemerkt als een zorgvuldige manier van onderzoek doen.1 Zie o.a. ECLI:NL:2017:1477
**2..** De gemeente Doetinchem heeft bij het doen van onderzoek als doelstelling om ook zorgmijdende gezinnen te bereiken. De houding en de werkwijze van de medewerkers van Buurtplein kenmerkt zich door een respectvolle maar vasthoudende benadering als de veiligheid of ontwikkeling van het kind in gevaar is. Als dat nodig is, wordt extra expertise ingezet.
**3..** In een of meerdere gesprekken met de jeugdige en/of zijn ouders, en eventueel de cliëntondersteuner, wordt onderzocht wat de behoefte aan jeugdhulp inhoudt. Centraal staat dat de jeugdige zijn mening moet kunnen uiten en als dat nodig is wordt apart met de jeugdige in gesprek gegaan.
**4..** Bij het onderzoek wordt aan de jeugdige of zijn ouders dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger medegedeeld welke mogelijkheden bestaan om te kiezen voor de verstrekking van een pgb. Ook wordt uitgelegd wat er bij een pgb komt kijken (zoals budgetbeheer).
**5..** De jeugdige of zijn ouders dan wel zijn wettelijke vertegenwoordiger verschaffen het college de gegevens en bescheiden die voor het onderzoek nodig zijn en waarover zij redelijkerwijs de beschikking kunnen krijgen. Als hieraan niet wordt voldaan, kan dit betekenen dat de aanvraag niet in behandeling kan worden genomen.
**6..** Als dit van belang is voor het onderzoek, kan een andere professional of een externe onafhankelijke adviesinstantie om advies worden gevraagd. In uitzonderlijke gevallen kan dit op basis van anonieme cliëntgegevens. Een advies kan ook worden aangevraagd op het moment dat al een aanvraag is ingediend.
**7..** De jeugd- en gezinswerker kan, met instemming en op verzoek van de jeugdige en/of zijn ouders dan wel wettelijk vertegenwoordiger, informatie inwinnen bij andere instanties, zoals de huisarts of het onderwijs, en met hen in gesprek gaan over de meest aangewezen hulp, waaronder ook inzetten/versterken eigen kracht en/of sociale omgeving en het inzetten van algemene, andere of overige voorzieningen.
**8..** Het onderzoek wordt vastgelegd in het ondersteuningsplan.
HET STAPPENPLAN BINNEN DE JEUGDWET
STAP 1: VASTSTELLEN HULPVRAAG VAN DE JEUGDIGE EN/OF HET GEZIN
Wat is de aard en ernst van de opgroei‐ of opvoedingsproblemen, de psychische problemen en stoornissen?
Wat zijn de behoeften, persoonlijkheid, veiligheid, ontwikkeling en gezinssituatie van de jeugdige?
Wat is het gewenste resultaat van het verzoek om jeugdhulp?
STAP 2: VASTSTELLEN PROBLEMEN, BEPERKINGEN EN STOORNISSEN
Wat is de persoonlijke situatie van de jeugdige en/of het gezin: hoe ziet die eruit en wat betekent dit voor de jeugdige en/of het gezin?
Op welke manier belemmert de situatie het leven van de jeugdige en/of het gezin?
STAP 3: BEPALEN WELKE HULP NOODZAKELIJK IS EN HOEVEEL
Op welke manier zou de zelfredzaamheid/participatie en de manier waarop iemand wordt opgevoed/opgroeit kunnen worden bevorderd/stabiel worden gehouden?
Welke frequentie van hulp is noodzakelijk? Hoe vaak en wanneer?
STAP 4: BEPALEN EIGEN EN VOORLIGGENDE OPLOSSINGEN
Hebben de jeugdige en/of zijn ouders het vermogen om zelf of met ondersteuning van de naaste omgeving een oplossing voor de hulpvraag te vinden, waarbij duidelijk wordt gemaakt wie wat doet; en de behoefte van de ouders aan een vorm van mantelzorgondersteuning.
Is er behoefte aan maatregelen ter ondersteuning van de mantelzorger van de cliënt?
Kan aanspraak worden gemaakt op een andere (voorliggende) voorziening?
Is er een mogelijkheid om de hulpvraag te beantwoorden door inzet van een algemene voorziening, of algemeen gebruikelijke voorziening om bijvoorbeeld ondersteund te worden in opvoedings- of opgroei vraagstukken?
STAP 5: BEPALEN AANVULLENDE HULP OM HET GEWENSTE RESULTAAT TE BEREIKEN
Welke individuele jeugdhulpvoorziening kan worden getroffen en wat is het beoogde doel daarvan?
Op welke wijze wordt de individuele voorziening afgestemd op andere voorzieningen op het gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning, of werk en inkomen?
Hoe wordt rekening gehouden met de godsdienstige gezindheid, de levensovertuiging en de culturele achtergrond van de jeugdige en zijn ouders?
Toelichting stappenplan:
Eigen verantwoordelijkheid
Het doel van de Jeugdwet is het versterken van de eigen kracht van de jeugdige en van het zorgen en probleemoplossend vermogen van diens gezin en anderen in de sociale omgeving. Voorkomen moet worden dat de bemoeienis van de overheid leidt tot zorgafhankelijkheid. Bemoeienis van de overheid moet actief en maximaal bijdragen aan de eigen kracht van de jeugdige en het gezin.
Ouders en/of verzorgers zijn zelf verantwoordelijk voor het gezond en veilig opgroeien van hun kinderen. Het moet voor ouders en professionals vanzelfsprekend zijn dat ouders zelf de regie nemen en houden over de opvoeding van hun kinderen (tenzij dit een onverantwoord risico voor het kind oplevert). Ouders en kinderen zijn hierop ook aanspreekbaar.
Eigen mogelijkheden
Tijdens elk onderzoek wordt met de jeugdige en/of ouder gezamenlijk gezocht naar de mogelijkheden van de jeugdige en/of ouder om (deels) zelf bij te dragen aan zelfredzaamheid en participatie. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat gebruik maken van de eigen mogelijkheden veronderstelt dat de jeugdige en/of ouder zelf voorziet in de kosten of voorzieningen die algemeen gebruikelijk zijn.
Concreet betekent dit:
dat eerst een beroep op zorgverlof gedaan wordt als dat mogelijk is;
dat de kosten voor reguliere oppas/kinderopvang door ouders zelf worden opgevangen;
dat ouder zelf de begeleiding en stimulans bieden die nodig is bij ontplooiing en ontwikkeling van het kind - passend bij de leeftijd -bijvoorbeeld huiswerkbegeleiding of begeleiding bij zelfstandig gaan wonen, begeleiding in het verkeer van en naar school, naar activiteiten ter vervanging van school of aansluitend op school of vrijetijdsbesteding.
Gebruik maken van eigen mogelijkheden veronderstelt daarnaast dat de jeugdige en/of ouder zich voldoende verzekert, bijvoorbeeld door een passende aanvullende zorgverzekering af te sluiten die aansluit bij de situatie van de jeugdige en/of ouder.
Bij de vraag naar de eigen mogelijkheden moet ook goed in beeld worden gebracht wat de aard en omvang van de noodzakelijke hulp is, de noodzaak tot continuïteit van hulp bij ziekte en de belastbaarheid van de ondersteuner(s) uit het netwerk. Inzicht in de belasting en de belastbaarheid van de ondersteuner(s) is hierbij cruciaal. Indien deze belasting te hoog is, of de belastbaarheid te beperkt is, kan (tijdelijk) ondersteuning ingezet worden. De ondersteuning richt zich indien mogelijk op het vergroten van de draagkracht van de ondersteuner, waarbij eerst gekeken wordt naar mogelijkheden middels voorliggende voorzieningen, bijvoorbeeld de Mantelzorgcentrale van Buurtplein.
Inzet van jeugdhulp
Zorg, hulp en ondersteuning worden zo ingericht en opgezet dat een ‘normale’ manier van opgroeien en opvoeden wordt gestimuleerd. Dat betekent dat wordt uitgegaan van de mogelijkheden en de behoeften van de individuele jeugdigen en hun ouders en dat hulp en ondersteuning aanvullend zijn op wat ouders en jeugdigen zelf kunnen. Om te beoordelen wat de eigen mogelijkheden zijn van ouders/het gezin, is het noodzakelijk dat eerst de hulpvraag van ouders/jeugdige volledig in beeld is.
Overbelasting
Bij het wegen van de belastbaarheid wordt gebruik gemaakt van de richtlijn (dreigende) overbelasting en eventueel van een erkende vragenlijst, zie bijlage 4 bij deze nadere regels.
Gebruikelijke hulp
Als sprake is van gebruikelijke hulp, wordt geen jeugdhulp verleend. Ook als er sprake is van een jeugdige met een ziekte, aandoening of beperking, zijn ouders verantwoordelijk om hun kinderen te verzorgen, op te voeden en toezicht op hen te houden. Om te bepalen welke taken en ondersteuning van ouders kan worden verwacht, geldt het protocol gebruikelijke hulp. Dit protocol is opgenomen in bijlage 3 bij deze nadere regels.
Als sprake is van (dreigende) overbelasting, kan worden bepaald dat geen gebruikelijke hulp wordt verwacht. Dit is alleen het geval als er verband is tussen de (dreigende) overbelasting van de ouder(s) en de zorg die de ouder(s) aan de jeugdige bieden. Het eigen vermogen en het probleemoplossend vermogen zijn dan onvoldoende om de overbelasting op te heffen.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.4
Het onderzoek
Onderdeel van Nadere regels Jeugdhulp gemeente Doetinchem 2026