De inwoner kan, op eigen verzoek of ambtshalve via de ontwikkelcoach, participatiecoach of inkomensconsulent, geheel of gedeeltelijk worden ontheven van de arbeidsverplichting als gevolg van sociale, medische of psychische redenen;
De inwoner met een blijvende beperking of chronische ziekte kan een ontheffing van drie jaar krijgen als er geen verbetering te verwachten is. Dit moet blijken uit rapporten van een bedrijfsarts, arbeidsdeskundige of andere deskundige. Deze medische rapporten zijn niet nodig als het college op basis van andere bewijsstukken (bijvoorbeeld een recente WIA- of Wajong beoordeling) al voldoende informatie heeft om een beslissing te nemen. Na het verstrijken van de termijn wordt de situatie opnieuw beoordeeld om te bepalen of voortzetting van de ontheffing noodzakelijk en passend is;
De inwoner met arbeidsbeperkingen kan in aanmerking komen voor een ontheffing van één tot maximaal drie jaar, afhankelijk van de situatie, als een bedrijfsarts, psycholoog of (arbeids)deskundige dit heeft geconstateerd en schriftelijk heeft vastgelegd in een rapport. Na het verstrijken van de termijn wordt de situatie opnieuw beoordeeld om te bepalen of voortzetting van de ontheffing noodzakelijk en passend is;
De inwoner heeft geen arbeidsplicht voor het aantal uren dat hij of zij mantelzorger is voor bloed- of aanverwanten tot en met de tweede graad of pleegkind(eren). Onder bloed- of aanverwanten tot en met de tweede graad wordt ook de levenspartner verstaan waarmee een geregistreerd partnerschap is aangegaan of waarmee belanghebbende een gezamenlijke huishouding voert. Dit kan na onderzoek van het college telkens met maximaal drie jaar worden verlengd.
Hoofdstuk 13
Artikel 32
Ontheffingsmogelijkheden
Onderdeel van Beleidsregels re-integratie Participatiewet Het Hogeland 2025