**1..** Een of meer gemotoriseerde voertuigen met een waarde tot maximaal € 5.650 beschouwt het college als algemeen gebruikelijk en worden vrijgelaten bij de vaststelling van het vermogen. Als de waarde hoger is, wordt het meerdere wel meegeteld bij het vermogen.
**2..** De hoogte van de vrijlating indexeert het college vanaf 2027 jaarlijks op basis van de CPI (jaarmutatie) over het voorafgaande jaar. De bedragen worden naar boven afgerond af naar boven, naar een veelvoud van € 50.
**3..** In afwijking van lid 1 kan het college de waarde van het gemotoriseerde voertuig helemaal niet meetellen bij het vermogen van belanghebbende, als dit voertuig onmisbaar is in verband met werk en/of invaliditeit en verkoop van de auto hierdoor niet kan worden verlangd.
**4..** Voor de vaststelling van de waarde van een gemotoriseerd voertuig hanteert het college als richtlijn de actuele koerslijst van de ANWB, waarbij de laagste verkoopprijs leidend is.