Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3 › § 3.1

Artikel 3.1.2

Reikwijdte vergunningplicht

Onderdeel van Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond: Zandvoort 2026

1.. De in artikel 3.1.1 aangewezen woonruimten mogen niet zonder vergunning: anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor of praktijkruimte door de eigenaar aan de bestemming tot bewoning worden onttrokken of onttrokken worden gehouden; van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte worden omgezet of omgezet worden gehouden; van onzelfstandige in zelfstandige woonruimte worden omgezet of omgezet worden gehouden; gereserveerd. 2. . Onder eigenaar in het eerste lid wordt verstaan de eigenaar in de zin van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek of degene die lid is van een coöperatieve flatexploitatie en die in de woning zijn hoofdverblijf heeft. 3. . Voor hospitaverhuur is geen vergunning voor omzetten vereist, indien; de hoofdbewoner de woning feitelijk als hoofdverblijf heeft; de hoofdbewoner voor aanvang van hospitaverhuur al minimaal twee jaar hoofdverblijf heeft in de woning; de hoofdbewoner niet meer dan twee kamers en aan maximaal twee personen tegelijk verhuurt; de verhuurde ruimten niet meer dan 35% van de totale gebruiksoppervlakte (GBO) beslaan. 4. . Voor het tijdelijk verhuren van een gedeelte van een woning ten behoeve van het kunnen ontvangen of verlenen van mantelzorg is geen vergunning voor omzetten vereist, indien: de hoofdbewoner de woning als hoofdverblijf heeft en mantelzorg ontvangt of verleent conform artikel 2.3.4, eerste lid, onder b; de verhuurde ruimten niet meer dan 35% van de totale gebruiksoppervlakte (GBO) beslaan. 5. . Gereserveerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel