**1..** De vergunning, als bedoeld in artikel 22 van de wet, kan door burgemeester en wethouders worden ingetrokken als:
de vergunninghouder niet binnen één jaar nadat de vergunning onherroepelijk is geworden, is overgegaan tot kadastrale splitsing;
de vergunning is verleend op grond van door de vergunninghouder verstrekte gegevens waarvan deze wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren; en/of
de aan de vergunning verbonden voorwaarden en voorschriften niet worden nageleefd.
**2..** Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om op grond van artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordeling door het openbaar bestuur de vergunning, als bedoeld in artikel 22 van de wet, in te trekken.
**3..** Voordat toepassing wordt gegeven aan het tweede lid, kan het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, als bedoeld in artikel 8 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, om een advies, als bedoeld in artikel 9 van die wet, worden gevraagd.
HOOFDSTUK 3 › § 3.2
Artikel 3.2.6
Intrekkingsgronden
Onderdeel van Huisvestingsverordening Zuid-Kennemerland/IJmond: Zandvoort 2026