(toeristenbelasting, hondenbelasting)
Het niet of niet binnen de termijn doen van aangifte voor de aanslagbelastingen wordt aangemerkt als een verzuim.
Ter zake van een aangifteverzuim legt de heffingsambtenaar een verzuimboete op van:
ten aanzien van de toeristenbelasting: 10 procent van het bedrag van de aanslag;
ten aanzien van de hondenbelasting: 200 procent van het bedrag van de aanslag;
met dien verstande dat per verzuim het wettelijk maximum van € 6709,00 als bedoeld in artikel 67a van de AWR niet wordt overschreden.
Bij het niet of niet binnen de termijn doen van aangifte voor de aanslagbelastingen is alleen sprake van een verzuim, indien belanghebbende de aangifte niet binnen een door de heffingsambtenaar gestelde termijn heeft gedaan en hij geen gevolg heeft gegeven aan een aanmaning van de heffingsambtenaar.
Een aangifte die wordt ingediend nadat de aanslag (ambtshalve) is opgelegd, geldt niet alsnog als een (niet binnen de termijn) gedane aangifte.
In afwijking van het tweede lid kan in uitzonderlijke gevallen een verzuimboete tot het wettelijk maximum worden opgelegd. Van een uitzonderlijk geval kan bijvoorbeeld sprake zijn indien belanghebbende stelselmatig in verzuim is.
Wegens het niet binnen de termijn doen van aangifte kan op grond van de wet uitsluitend een verzuimboete worden opgelegd.
Hoofdstuk 5
Artikel 7
Aangifteverzuimboete aanslagbelasting artikel 67a van de AWR
Onderdeel van Leidraad Heffing Kampen 2026