Naar hoofdinhoud
1.. De belasting bedoeld in artikel 2, onder a, voor het parkeren met gebruikmaking van parkeer-apparatuur, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte en moet worden betaald bij de aanvang van het parkeren. 2.. De betaling van parkeerbelasting bij parkeerapparatuur kan uitsluitend plaatsvinden langs elektronische weg en contant geld, op de wijze als op de parkeerapparatuur is aangegeven. 3.. In afwijking van het voorgaande lid dient de parkeerbelasting in voorkomende gevallen dat de parkeerapparatuur als bedoeld in het eerste lid buiten werking is, contant te worden voldaan aan de door het gemeentebestuur daartoe aangewezen ambtenaar ter plaatse, welke contante betaling gelijk wordt gesteld aan de voldoening op aangifte. 4.. Van ondernemers die een overeenkomst hebben met de gemeente Waterland, betreffende de inning van parkeerbelasting, wordt de parkeerbelasting geheven door middel van een schriftelijke kennisgeving en de betaling dient binnen 30 dagen na dagtekening plaats te vinden. 5.. De belasting bedoeld in artikel 2, onder b, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte en moet worden betaald voor of bij de aanvang van het tijdvak waarvoor het vergunning bewijs geldig is. 6.. Een naheffingsaanslag wordt ingevorderd door middel van een schriftelijke kennisgeving. 7.. Voor zover voor het voldoen van parkeerbelasting een schriftelijk bewijs wordt afgegeven, wordt dit bewijs, met de datum, tijd en kentekenaanduiding duidelijk leesbaar, direct achter de vooruit van het voertuig zichtbaar aangebracht. 8.. Voor de toepassing van het eerste lid wordt het in werking stellen van de parkeerapparatuur op de daartoe bestemde wijze en met inachtneming van de gestelde voorschriften als voldoening op aangifte aangemerkt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel