Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5

Artikel 25.

Algemene regels over het pgb

Onderdeel van Verordening Maatschappelijke Ondersteuning en Jeugdhulp gemeente Aa en Hunze 2026

1.. Het college verstrekt een pgb met in achtneming van artikel 8a en 8b Jeugdwet. 2.. Voor de jeugdige en ouders die in aanmerking wenst te komen voor een pgb geldt de verplichting om een budgetplan op te stellen. 3.. Een persoonsgebonden budget wordt verstrekt indien: de cliënt naar het oordeel van het college op eigen kracht voldoende in staat is te achten tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake dan wel met hulp uit zijn sociale netwerk of van zijn vertegenwoordiger, in staat is te achten de aan een persoonsgebonden budget verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren. Ter beoordeling gelden de volgende voorwaarden: jeugdige en ouders hebben een goed overzicht van de eigen situatie en kan deze houden. jeugdige en ouders weten welke regels er horen bij een pgb. jeugdige en ouders kunnen een overzichtelijke pgb-administratie bijhouden. jeugdige en ouders zijn in staat te communiceren met de gemeente, zorgverzekeraar of zorgkantoor, de SVB en zorgverleners. jeugdige en ouders kunnen zelfstandig handelen en zelf voor zorgverleners kiezen. jeugdigen en ouders kunnen zelf afspraken maken, bijhouden en zich hieraan houden. jeugdige en ouders zelf beoordelen of de zorg uit het pgb het beste bij hem past. jeugdige en ouders kunnen zelf de zorg regelen met 1 of meer zorgverleners. jeugdige en ouders kunnen ervoor zorgen dat de zorgverleners die voor hem werken weten wat ze moeten doen. jeugdige en ouders weten wat hij moet doen in zijn rol als werkgever of opdrachtgever van een zorgverlener. De jeugdige en ouders zich gemotiveerd op het standpunt stellen dat hij de maatwerkvoorziening als persoonsgebonden budget wenst geleverd te krijgen, dat zorg in natura niet passend is en naar het oordeel van het college is gewaarborgd dat de diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, veilig, doeltreffend en cliëntgericht worden verstrekt. 4.. Het pgb wordt geweigerd indien er sprake is van financiële problemen bij de jeugdige en ouders, tenzij financieel toezicht wordt uitgeoefend door bijvoorbeeld een kredietbank. 5.. Aan het pgb zijn de volgende verplichtingen en voorwaarden verbonden: de besteding van het pgb dient verantwoord te worden het pgb mag niet worden besteed aan tussenpersonen of belangenbehartigers; het pgb mag niet worden besteed aan het beheer van het pgb (bemiddelingskosten); een professionele ondersteuner mag het pgb niet beheren; het pgb mag niet worden besteed aan administratieve kosten, vrij besteedbaar bedrag eenmalige uitkering, feestdagenuitkering en reiskosten; het pgb wordt binnen zes maanden na toekenning aangewend voor de bekostiging van het resultaat waarvoor de verlening heeft plaatsgevonden. Het college kan al dan niet op verzoek een langere termijn hanteren. 6.. Een jeugdige en ouders aan wie een pgb wordt verstrekt, kunnen diensten, hulpmiddelen, woonvoorzieningen en andere maatregelen onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociaal netwerk: wanneer uit het onderzoek blijkt dat de ondersteuning de gebruikelijke hulp overstijgt; dit aantoonbaar tot betere en effectievere ondersteuning leidt; aantoonbaar doelmatiger is dan zorg in natura; als de dienst zorg omvat waarvoor krachtens landelijk geldende kwaliteitscriteria een minimale opleiding vereist is, beschikt de persoon over de desbetreffende kwalificatie; deze persoon heeft aangegeven dat de ondersteuning aan de cliënt hem niet te zwaar valt; deze persoon op geen enkele wijze druk op de ontvanger van het pgb heeft uitgeoefend bij diens besluitvorming. 7.. Het college bepaalt voor gezinsleden binnen hetzelfde huishouden in hoeverre sprake is van gebruikelijke hulp. 8.. Het college kan een pgb weigeren als de jeugdige en ouders het beheer uitvoert met hulp van de betrokken ondersteuner zelf of daaraan verbonden personen en daarmee ongewenste belangenverstrengeling kan ontstaan. 9.. Het college houdt rekening met de belastbaarheid van de mantelzorger van de jeugdige en ouders. 10.. Het college kan nadere regels stellen ten aanzien van de verantwoording van het pgb. 11.. De jeugdige en ouders sluiten met degene aan wie het pgb wordt besteed een door het college en de Sociale Verzekeringsbank goedgekeurde schriftelijke overeenkomst. Daarbij wordt (bij voorkeur) gebruik gemaakt van de toepasselijke modelovereenkomst die de Sociale Verzekeringsbank ter beschikking stelt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel