Naar hoofdinhoud

Artikel 5:

Stimuleren reizen met fiets en openbaar vervoer

Onderdeel van Beleidsregels Leerlingenvervoer Voorne aan Zee 2026

Om het vervoer per fiets te stimuleren, wordt bij de toekenning van de fietsvergoeding het drempelbedrag aan deze groep leerlingen niet in rekening gebracht. Er wordt uitgegaan van maximaal 15 kilometer die een leerling moet afleggen op de fiets om op het voortgezet (speciaal) onderwijs te komen. Van kinderen die naar het voortgezet (speciaal) onderwijs gaan, wordt verwacht dat zij zelfstandig kunnen fietsen of gebruik kunnen maken van het openbaar vervoer (eventueel met begeleiding). Vanaf groep 7 wordt een afspraak met ouders/verzorgers en de leerling ingepland om een persoonlijk vervoersontwikkelingsplan op te stellen. Het doel van het persoonlijk vervoersontwikkelingsplan is om de leerling in staat te stellen alsnog zelfstandig te kunnen reizen, waarbij hij niet langer op een vervoersvoorziening is aangewezen. Als dat niet mogelijk is dan wordt de leerling door middel van de vervoerstraining ondersteund in het zo zelfstandig mogelijk reizen, waardoor hij gebruik kan maken van een goedkopere vervoersvoorziening, waarbij hij bijvoorbeeld niet langer afhankelijk is van een begeleider die met hem meereist. Het persoonlijk vervoersontwikkelingsplan wordt samen met ouders/verzorgers en de desbetreffende leerling opgesteld. In het persoonlijk vervoersontwikkelingsplan wordt uitgegaan van de stimulering vanuit de ouders/verzorgers om dit met hun kind(eren) te oefenen. Het persoonlijk vervoersontwikkelingsplan wordt tussentijds geëvalueerd met ouders en leerling. Aan de hand van het evaluatiemoment wordt de voortgang besproken. Ook kan het persoonlijk vervoersontwikkelingsplan tijdens dit evaluatiemoment aangepast worden wanneer dit nodig blijkt te zijn. Indien er twijfel bestaat over de fietsmogelijkheden van de leerling kan advies worden opgevraagd over de medische beperkingen van de leerling met betrekking tot reizen met de fiets. Hiervoor moet een medische verklaring (BIG/SKJ) aangeleverd worden. De mogelijkheid wordt geboden om een fietsvergoeding voor de zomermaanden te verstrekken en een andere vervoersvoorziening voor de overige maanden. (openbaar vervoer of eigen vervoer tussen herfstvakantie en voorjaarsvakantie, tot 1 maart).

Rechtspraak bij dit artikel