**1..** Er mag per evenement slechts één (vergelijkbaar) concept per verzoeker worden ingediend.
**2..** Indien naar het oordeel van het college sprake is van meerdere verzoeken voor hetzelfde concept op hoofdlijnen als doelgroep, (een vergelijkbare artiest-event binnen hetzelfde) muziekgenre, merknaam, thema, uitstraling of presentatie die worden ingediend door dezelfde organisator – of nauw aan elkaar verbonden partijen – kan het college besluiten een of meer van deze verzoeken niet in behandeling te nemen. Het college kan de adviescommissie vragen advies uit te brengen over de vraag of sprake is van vergelijkbare concepten.
**3..** Voor de toepassing van het tweede lid wordt onder een nauw verbonden partij in ieder geval verstaan een dochtermaatschappij als bedoeld in artikel 24a van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, een groepsmaatschappij als bedoeld in artikel 24b van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, een deelneming als bedoeld in artikel 24c van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek of een commanditaire vennootschap of een vennootschap onder firma waarvan de rechtspersoon volledig aansprakelijke vennoot is.
**4..** Als blijkt dat een organisator op de evenementenkalender geplaatste verzoeken niet heeft laten plaatsvinden, behoudens situaties van overmacht, kan het college besluiten deze organisator en nauw verbonden partijen als bedoeld in het derde lid een beperking op te leggen ten aanzien van het maximaal aantal verzoeken dat voor een of meerdere evenementenkalenders ingediend mag worden.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.3
Dubbele verzoeken voor (vergelijkbare) concepten – antimisbruikbepaling
Onderdeel van Nadere regels evenementenkalender Amsterdam 2025