Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.1

Artikel 3.1.1

Forfaitaire loonkostensubsidie

Onderdeel van Beleidsregels Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard 2026

PW | IOAW | IOAZ |Verordening Het college en de werkgever bepalen in overleg of een forfaitaire loonkostensubsidie of een loonkostensubsidie op basis van loonwaarde wordt ingezet. Voor een forfaitaire loonkostensubsidie geldt dat: deze niet kan worden ingezet voor inwoners die al een dienstverband hebben; deze niet kan worden ingezet bij een verlenging van het dienstverband bij dezelfde werkgever; de werkgever een arbeidsovereenkomst aanbiedt van minimaal 6 maanden; de duur van de forfaitaire loonkostensubsidie is 6 maanden; in de 5e maand van de arbeidsovereenkomst wordt de loonwaarde vastgesteld; per de 7e maand van de arbeidsovereenkomst gaat loonkostensubsidie in op basis van de vastgestelde loonwaarde.

Rechtspraak bij dit artikel