De aanbieder die subsidie ontvangt op grond van deze regeling, voldoet aan de volgende verplichtingen:
verleent alle medewerking aan onderzoeken door de GGD ter controle op de naleving van de wettelijke kwaliteitseisen;
int de ouderbijdrage zoals bedoeld in artikel 10;
neemt actief deel aan het lokaal overleg voorschool–basisschool (doorgaande leerlijn 0–13 jaar) en draagt bij aan het bereiken van de doelgroep;
levert jaarlijks de door de gemeente gevraagde monitoringsinformatie;
verleent, voor zover mogelijk, voorrang aan doelgroepkinderen bij plaatsing;
biedt VE-peuters minimaal 960 uur voorschoolse educatie in anderhalf jaar, met maximaal 6 aaneengesloten uren per dag.
De GGD houdt toezicht op de naleving van de wettelijke basisvoorwaarden voor voorschoolse educatie. Zij kan dit toezicht zowel vóór verlening, tijdens de uitvoering als na afloop van de subsidieperiode uitoefenen.
De Inspectie van het Onderwijs of een door het college aangewezen onderwijsbegeleidingsdienst kan aanvullend onderzoek verrichten naar de uitvoering en borging van de kwaliteitseisen, ter ondersteuning van het gemeentelijk toezicht.
De houder voldoet aan de volgende kwaliteitseisen:
Aanbod en personeel
Op alle groepen waarvoor subsidie wordt ontvangen, wordt voorschoolse educatie aangeboden.
Het aanbod voldoet aan het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.
Het VVE-werkplan beschrijft een doorgaande en opklimmende leerlijn, met differentiatie naar kindniveau.
Pedagogisch medewerkers zijn gecertificeerd in het gebruikte VVE-programma.
De kwaliteit van de voorschoolse educatie wordt jaarlijks geëvalueerd; bevindingen en verbeteracties worden vastgelegd.
Kindvolgsysteem en overdracht
Voor alle peuters wordt een kindvolgsysteem gebruikt.
Het VVE-aanbod voor doelgroeppeuters is doelgericht gepland.
De overdracht naar het primair onderwijs vindt plaats volgens een vastgesteld protocol.
Voor (doelgroep)peuters is sprake van een warme overdracht.
De houder onderhoudt aantoonbare samenwerking met minimaal één basisschool, vastgelegd in een locatieplan.
De samenwerking wordt jaarlijks geëvalueerd.
Zorg
Bij de intake wordt geregistreerd of een kind externe zorg ontvangt of heeft ontvangen.
Aanvullende zorg op de groep wordt in overleg met de ouders afgestemd.
De houder beschikt over een interne zorgstructuur voor signalering en follow-up.
Er is samenwerking met de GGD en het Gebiedsteam ZO Someren.
Ouderbeleid
De houder beschikt over een visie en doelstellingen voor ouderparticipatie in de voorschoolse educatie.
Er is een analyse gemaakt van de ouderpopulatie (taal, opleidingsniveau en sociaaleconomische status).
Op basis van deze analyse is concreet ouderbeleid opgesteld en aantoonbaar uitgevoerd.
Ouders worden geïnformeerd over het pedagogisch beleid, het ouderbeleid en de doelstellingen van VVE.
Pedagogisch medewerkers volgen een vastgelegde informatieprocedure richting ouders.
Ouders van doelgroeppeuters worden gestimuleerd om thuis VVE-activiteiten te doen.
De houder evalueert jaarlijks het ouderbeleid en actualiseert dit indien nodig op basis van ervaringen, ouderfeedback en wijzigingen in de ouderpopulatie.
Hoofdstuk 4
Artikel 11.
Aanvullende verplichtingen en kwaliteitseisen voor aanbieders
Onderdeel van Subsidieregel peuterplaatsen en voorschoolse educatie gemeente Someren 2026