**1..** De belasting als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a bedraagt per perceel € 209,08
**2..** De belasting als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, bedraagt per perceel voor een perceel gebruikt als:
niet-woning, waarin geen personen werkzaam zijn € 119,30
onderwijslokaal, per lokaal € 316,93
een gebouw met een culturele, recreatieve bestemming of als zijnde een wijkgebouw € 316,93
café-restaurant, bar of enig ander horecabedrijf, geen hotel zijnde € 611,46
winkel, garagebedrijf, fabriek, kantoor, werkplaats of enig ander bedrijf, geen horecabedrijf zijnde, waarin werkzaam zijn:
minder dan 5 personen € 316,93
5 tot en met 10 personen € 533,86
11 tot en met 50 personen € 1.060,73
51 tot en met 100 personen € 2.133,92
vermeerderd met € 1.037,80 voor elk honderdtal personen of gedeelte daarvan boven de 100 personen.
hotel of pension met:
minder dan 10 slaapplaatsen € 611,46
10 tot en met 50 slaapplaatsen € 1.372,81
51 tot en met 100 slaapplaatsen € 2.428,60
vermeerderd met € 1.343,15 voor elk honderdtal of gedeelte daarvan boven de 100 slaapplaatsen.
verpleeginrichting of bejaardentehuis, huisvesting biedende aan:
minder dan 10 personen € 1.060,73
10 tot en met 50 personen € 2.133,92
51 tot en met 100 personen € 4.259,75
vermeerderd met € 2.087,92 voor elk honderdtal personen of gedeelte daarvan boven de 100 personen.
**3..** Onverminderd het bepaalde in lid 2 bedraagt de belasting als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, voor een perceel dat niet aan te merken valt als een woning, niet vallend onder één van de bepalingen van het tweede lid met uitzondering van percelen met een WOZ-waarde < € 25.000. € 902,17
Artikel 6
Belastingtarieven
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing Stede Broec 2026