Een woningzoekende komt voor indeling in de urgentiecategorie ‘onbewoonbaarheid’ in aanmerking indien:
de door aanvrager rechtmatig bewoonde zelfstandige woonruimte naar het oordeel van Burgemeester en Wethouders feitelijk onbewoonbaar is als gevolg van brand, ontploffing, wateroverlast of andere ernstige schade; en,
de onder a. bedoelde woonruimte niet binnen drie maanden zodanig hersteld kan worden, dat bewoning weer redelijkerwijs mogelijk is.
HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3.2
Artikel 26.
Onbewoonbaarheid
Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Oldebroek 2026