De hoogte van de boete wordt vastgesteld aan de hand van de volgende regels:
De beoordeling van de boete volgt de volgende vier categorieën van mate van verwijtbaarheid:
Opzet: willens en wetens is de informatieplicht geschonden. De boete bedraagt 100% van het benadelingsbedrag.
Grove schuld: grove onachtzaamheid. De boete bedraagt 75% van het benadelingsbedrag.
Normale, gemiddelde verwijtbaarheid: geen opzet, wel verwijtbaar en er is sprake van een kennelijke vergissing. De boete bedraagt 50% van het benadelingsbedrag.
Verminderde verwijtbaarheid: situaties zoals benoemd in artikel 3 van deze beleidsregels. De boete bedraagt 25% van het benadelingsbedrag.
De maximale hoogte van de boete is vastgelegd in artikel 24 lid 4 van het Wetboek van Strafrecht.
De hoogte van de boete, in geval van recidive (herhaling) zonder benadelingsbedrag, bedraagt maximaal € 150,-. De hoogte van de boete wordt beoordeeld aan de hand van de vier categorieën zoals beschreven in het eerste lid.
De boete in geval van recidive (herhaling) waarbij sprake is van een benadelingsbedrag bedraagt maximaal 25%, 50%, 75% of 150% van het benadelingsbedrag. De hoogte van de recidiveboete wordt beoordeeld aan de hand van de vier categorieën van verwijtbaarheid zoals beschreven in het eerste lid.
Voor de vaststelling van het benadelingsbedrag wordt uitgegaan van het bedrag dat in de betreffende periode netto (inclusief vakantietoeslag) teveel is uitbetaald.
Bij de beoordeling van de hoogte van de boete wordt tevens rekening gehouden met bijzondere omstandigheden en dringende redenen.
Bij de beoordeling van de boete wordt rekening gehouden met de draagkracht. Bij de berekening van de draagkracht wordt geen rekening gehouden met eventueel beschikbaar vermogen, tenzij dit vermogen is verkregen als gevolg van het niet nakomen van de inlichtingenverplichting. Als referentie-inkomen voor de voor beslag vatbare vrije ruimte van 5% wordt uitgegaan van de toepasselijke bijstandsnormen bedoeld in art. 475 c t/m e RV (Wetboek voor burgerlijke rechtsvordering) én van de kostendelersnorm op grond van artikel 22a PW.
Bij termijnbetaling van de boete gelden maximale termijnen, die mede worden bepaald door de mate van verwijtbaarheid:
opzet: 24 maanden;
grove schuld: 18 maanden;
schuld: normale verwijtbaarheid: 12 maanden;
verminderde verwijtbaarheid: 6 maanden.
Wanneer er sprake is van een opgelegde boete en terugvordering van de uitkering, wordt de boete als eerste geïnd.
Hoofdstuk II
Artikel 2.
Hoogte van de boete
Onderdeel van Beleidsregels bestuurlijke boete gemeente Haarlemmermeer 2026