Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.

Artikel 6.4

Opschorting en terugvordering

Onderdeel van Verordening Jeugdhulp gemeente Wormerland 2026

1.. Als het college een beslissing heeft herzien of ingetrokken op grond van artikel 6.3 dan kan het college de geldschade ter hoogte van de te veel of ten onrechte genoten individuele voorziening in natura of het te veel of ten onrechte genoten pgb vorderen van de jeugdige of zijn ouder(s) dan wel zijn wettelijk vertegenwoordiger. 2.. Het college kan de geldschade ter hoogte van de te veel of ten onrechte genoten individuele voorziening in natura of het te veel of ten onrechte genoten pgb vorderen van de zorgaanbieder dan wel de pgb-aanbieder indien: De aanbieder geld heeft ontvangen voor zorg die (gedeeltelijk) niet is verleend of niet (geheel) conform de gestelde voorwaarden is verleend en de aanbieder niet binnen 72 uur melding heeft gedaan bij de gemeente dan wel pgb-beheerder om dit te crediteren; Een individuele voorziening voor een ander doel is ingezet dan waarvoor het is toegekend; Een individuele voorziening zonder toestemming van het college in het buitenland is ingezet; 3.. De hoogte van de terugvordering is de gehele of gedeeltelijke geldwaarde van de te veel of ten onrechte genoten individuele voorziening in natura of het te veel of ten onrechte genoten pgb. 4.. In het geval van terugvordering stuurt het college een factuur die binnen vier weken moet worden voldaan. 5.. Het college kan bij dwangbevel geheel of gedeeltelijk invorderen. 6.. Het college kan, bij een gegrond vermoeden van een omstandigheid als bedoeld in artikel 6.3, tweede lid, onder a, d, e of f, de Sociale verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een geheel of gedeeltelijke onderbreking van betalingen uit het pgb voor ten hoogste dertien weken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel