Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 14

Voorkomen van afval in de openbare ruimte

Onderdeel van Afvalstoffenverordening gemeente Bunnik

Het is verboden om straatafval in de openbare ruimte achter te laten zonder gebruik te maken van de van gemeentewege of anderszins geplaatste of voorgeschreven afvalbakken. Het is verboden om andere afvalstoffen dan straatafval achter te laten in daartoe van gemeentewege of anderszins geplaatste of voorgeschreven afvalbakken, afvalmanden of soortgelijke voorwerpen. Het is verboden afvalstoffen die ter inzameling gereed staan te doorzoeken of te verspreiden. Het is verboden afvalbakken, afvalmanden en soortgelijke voorwerpen dan wel inzamelmiddelen en inzamelvoorzieningen te doorzoeken en te verspreiden; Het is verboden tegen afvalstoffen of inzamelmiddelen en inzamelvoorzieningen, die ter inzameling gereed staan, te stoten, te schoppen, deze omver te werpen of deze anderszins te behandelen waardoor de afvalstoffen buiten deze middelen en voorzieningen terechtkomen. De houder of beheerder van een inrichting waar eet- of drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, is verplicht een afvalbak, afvalmand of soortgelijk voorwerp in of nabij de inrichting op een duidelijk zichtbare plaats aanwezig te hebben, waarin het publiek afval kan achterlaten; zorg te dragen dat deze afvalbak, afvalmand of soortgelijk voorwerp van een zodanige constructie is dat het afval daarin deugdelijk geborgen blijft en dat die afvalbak, afvalmand of voorwerp steeds tijdig wordt geledigd; zorg te dragen dat gedurende de openingstijden tot uiterlijk een uur na sluiting van de inrichting, en in ieder geval terstond op eerste aanzegging van een ambtenaar, belast met de toezicht op de naleving van dit artikel, circa 25 meter rondom de inrichting achtergebleven afval, voor zover kennelijk uit of van die inrichting afkomstig, wordt opgeruimd.

Rechtspraak bij dit artikel