Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 14.

Artikel 14.5.

Zienswijzen en proces openbaarmaking

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Zoeterwoude 2026

1.. Bij het beschikbaar stellen van het concept toezichtrapport aan belanghebbenden, worden zij in de gelegenheid gesteld om binnen twee weken na ontvangst van het concept toezichtrapport een zienswijze in te dienen. In deze zienswijze kunnen belanghebbenden ook een reactie geven op feitelijke onjuistheden, onvolledigheden en op de inhoud. Daarnaast worden zij geïnformeerd over het voornemen tot actieve openbaarmaking van het toezichtrapport. 2.. Belanghebbenden kunnen eenmalig verlenging van de termijn aanvragen voor de duur van maximaal twee weken. 3.. De zienswijze en/of reactie op het concept toezichtrapport dient te voldoen aan de volgende voorwaarden: De zienswijze en/of reactie dienen beide schriftelijk ingediend te worden bij de toezichthouder; De reactie is gericht op feitelijke onjuistheden, onvolledigheden en op de inhoud; De zienswijze mag maximaal 200 woorden bevatten; d.De zienswijze en/of reactie mag geen persoonsgegevens, bedrijfsnamen of bedrijfsgegevens van derden, reclame-uitingen, dan wel strafbare of aanstootgevende teksten bevatten. Als niet wordt voldaan aan de voorwaarden kunnen woorden en/of delen van de tekst onleesbaar worden gemaakt door de toezichthouder alvorens tot openbaarmaking wordt overgegaan. 4.. Als binnen de gestelde termijn een reactie wordt gegeven, past de toezichthouder waar nodig het rapport aan en/of wordt aanvullend onderzoek verricht. 5.. De zienswijze en/of reactie wordt als bijlage toegevoegd aan het rapport, tenzij de belanghebbenden hebben aangegeven dit niet wenselijk te vinden. De toezichthouder licht toe hoe er met de reactie is omgegaan en voegt dit eveneens toe aan het rapport. 6.. Het rapport wordt definitief gemaakt en gedeeld met belanghebbenden. Daarnaast worden zij in de gelegenheid gesteld om binnen twee weken een zienswijze te geven op het voornemen tot openbaarmaking van het definitieve rapport. 7.. Na het verstrijken van de termijn, wordt een besluit genomen over de openbaarmaking van het definitieve rapport. Het besluit wordt toegezonden aan belanghebbenden en bevat in ieder geval het volgende: Als geen zienswijze op de voorgenomen openbaarmaking is gegeven: dat de belanghebbenden geen gebruik hebben gemaakt van de zienswijzemogelijkheid. Als wel een zienswijze is ingediend: waarom het besluit om het rapport openbaar te maken is genomen; als de zienswijze daartoe aanleiding geeft: waarom het rapport (deels) niet wordt gepubliceerd; Op welke wijze bezwaar gemaakt kan worden tegen het besluit tot openbaarmaking; Binnen welke termijn het rapport wordt gepubliceerd. 8.. Als er een besluit is genomen over eventuele vervolgmaatregelen, gaat het college over tot openbaarmaking: Als niet binnen twee weken bezwaar is ingediend; of Het bezwaar ongegrond is verklaard. In het geval het college bij de beslissing op bezwaar (de strekking van) het besluit handhaaft, gaat het over tot publicatie een week na het nemen van de beslissing op bezwaar.

Rechtspraak bij dit artikel