Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.6

Artikel 2.6.10

Loslopende honden

Onderdeel van Algemene verordening gemeente Eijsden-Margraten

1.. Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten verblijven of laten lopen: op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide of op een andere door het college aangewezen plaats; op de weg, een openbare plaats en gebieden bestemd als natuur in het desbetreffende deel van omgevingsplan, als de hond niet is aangelijnd. Uitzondering hierop vormt het buitengebied, niet zijnde bestemd als natuur, in het desbetreffende deel van het omgevingsplan; op de weg als die hond niet is voorzien van een halsband of een ander identificatiemerk dat duidelijk aangeeft wie de eigenaar is; zonder toezicht en begeleiding. 2.. Het college kan plaatsen aanwijzen waar het verbod genoemd in het eerste lid, onder b niet geldt. 3.. De verboden genoemd in het eerste lid onder a en b gelden niet als de eigenaar of houder van een hond: zich vanwege zijn handicap door een geleidehond of sociale hulphond laat begeleiden, of deze aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot geleidehond of sociale hulphond.

Rechtspraak bij dit artikel