Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 4

Artikel 2.4.6

Hinderlijk drankgebruik

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2008

1. Het is verboden op of aan de weg alcoholhoudende drank te nuttigen indien dit gepaard gaat met gedragingen die de openbare orde verstoren, het woon- en leefklimaat aantasten of anderszins overlast veroorzaken. 2. Het is verboden op de weg, die deel uitmaakt van een door het college aangewezen gebied, alcoholhoudende drank te nuttigen of aangebroken flessen, blikjes en dergelijke met alcoholhoudende drank bij zich te hebben. 3. Het bepaalde in het tweede lid geldt niet voor:a. Een terras dat deel uitmaakt van een inrichting als bedoeld in artikel 1 van de Drank- en Horecawet.b. De plaats, niet zijnde een inrichting, als bedoeld onder a, waarvoor een ontheffing geldt krachtens artikel 35 van de Drank- en Horecawet

Rechtspraak bij dit artikel