De vergunning kan worden geweigerd op grond van:a. de natuurwaarde van de houtopstand;b. de landschappelijke waarde van de houtopstand;c. de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon;d. de beeldbepalende waarde van de houtopstand;e. de cultuurhistorische waarde van de houtopstand;f. de waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand.
Hoofdstuk 4 › Afdeling 3
Artikel 4.3.3a
Weigeringsgronden
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2008