Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5 › Afdeling 1

Artikel 5.1.7

Parkeren van grote voertuigen

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2008

1. Gelet op aantasting van het uiterlijke aanzien van de gemeente en met het oog op de verdeling van beschikbare parkeerruimte is het verboden een voertuig dat, met inbegrip van de lading, een lengte heeft van meer dan 6 meter of een hoogte van meer dan 2,4 meter binnen de gemeente te parkeren. 2. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor daartoe door het college aangewezen plaatsen. 3. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet gedurende de tijd, die nodig is voor en gebruikt wordt voor het uitvoeren van werkzaamheden, waarvoor de aanwezigheid van het voertuig ter plaatse noodzakelijk is. 4. Het college kan van de in het eerste gestelde verbod ontheffing verlenen.

Rechtspraak bij dit artikel