**1..** Het is niet toegestaan om gelden op te nemen en deze weer uit te zetten met als doel het genereren van inkomsten (arbitrage).
**2..** Een tijdelijk overschot van middelen wordt uitgezet, rekening houdend met de geldende wettelijke vereisten.
**3..** In geval van een uitzetting voor een periode tot één jaar wordt deze aangehouden bij het agentschap van het Ministerie van Financiën conform de ‘Regeling schatkistbankieren decentrale overheden’ met uitzondering van:
overtollige middelen beneden het drempelbedrag (deze middelen worden in rekening courant aangehouden bij de huisbankier);
middelen die worden aangehouden bij derden vanuit de publieke taak;
leningen aan andere decentrale overheden niet zijnde de toezichthoudende provincie.
**4..** In geval van een uitzetting voor een periode langer dan één jaar kan deze uitsluitend worden gedaan bij:
financiële instellingen die voldoen aan de in artikel 6 gestelde voorwaarden;
het agentschap van het ministerie van Financiën (schatkistbankieren), zijnde de overtollige middelen boven het wettelijk voorgeschreven drempelbedrag;
een decentrale overheid, niet zijnde de toezichthoudende provincie.
**5..** Het verstrekken van een geldlening of een borgstelling (garantie) aan derden is slechts toegestaan vanuit de publieke taak. Per geval is een expliciet besluit hiertoe nodig door het college van B&W, waarbij gemotiveerd wordt welk publiek belang wordt gediend en waarbij besloten wordt over de te verwerven zekerheden. In alle gevallen zal het college een dergelijke besluit vooraf aan de raad voorleggen om diens wensen en/of bedenkingen te vernemen. Daarnaast is het mogelijk om bij financiering aan derden deze te verstrekken in het kader van een door de raad van de gemeente Steenwijkerland vast te stellen regeling. Als de economische activiteit niet wordt uitgevoerd op basis van een eerder genomen raadsbesluit in het kader van het publieke belang, dan zal de raad daar eerst een aanvullend besluit over moeten nemen.
**6..** Conform het raadsbesluit van 23 februari 2002 worden geen nieuwe leningen meer aangetrokken ten behoeve van de financiering van woningbouwcorporaties.
**7..** Voor middelen die worden uitgezet met een looptijd korter dan één jaar kan met één offerte worden volstaan. Bij uitzetting van middelen langer dan één jaar dienen minimaal 2 offertes te worden opgevraagd.
**8..** Het uitzetten van middelen voor 1 jaar en langer is pas toegestaan na afstemming door de bevoegde functionaris met de Teamleider Organisatieadvies en de Directeur bedrijfsvoering. Deze afstemming wordt, inclusief besloten punten, schriftelijk vastgelegd en door de betrokken partijen ondertekend.
**9..** De uitkomst van de besluitvorming benoemd onder lid 8 wordt ter kennisgeving gedeeld met de portefeuillehouder Financiën.