Om overlast in de omgeving van tijdelijke huisvestingsvoorzieningen voor internationale werknemers te voorkomen is voor het bieden van deze huisvesting naast een omgevingsvergunning ook altijd een verhuurvergunning nodig, op grond van de Verhuurverordening onder de Wet goed verhuurderschap. Een verhuurvergunning is vanaf 2026 op grond van de Verhuurverordening altijd verplicht om een verblijfsruimte voor tijdelijke huisvesting van internationale werknemers te mogen exploiteren (zie ook par. 1.3). Aan de verhuurvergunning worden door het college van B&W op grond van de Verhuurverordening nadere regels gesteld. Deze nadere regels worden opgenomen in de vergunning en, indien nodig, in een separate prestatieovereenkomst tussen de gemeente en de exploitant van de tijdelijke huisvestingsvoorziening. In ieder geval zullen nadere regels worden gesteld over het voorkomen van overlast, het bijhouden en op verzoek verstrekken van een actueel en doorlopend digitaal nachtregister en voorschriften uit de Wet goed verhuurderschap. Indien de gemeente aan een initiatief medewerking verleend én indien de exploitant vanuit het verleden huisvesting biedt aan internationale werknemers in reguliere (verkamerde) woningen in de kernen, worden ook afspraken opgenomen over het afbouwen van het gebruik van deze woningen voor logies. Het doel van het afbouwen is dat deze woningen weer beschikbaar komen voor de reguliere woningmarkt (dus ook voor longstay).
Bij (herhaald) niet nakomen van afspraken en/of overtreding van de nadere regels kan de burgemeester de verhuurvergunning intrekken.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.1.4
Voorkomen van overlast
Onderdeel van Uitvoeringsregels huisvesting van internationale werknemers gemeente Maashorst