Naar hoofdinhoud

Artikel 2.

Inleiding

Onderdeel van Strategisch informatiebeveiligingsbeleid 2025-2029

Digitalisering verandert onze samenleving voortdurend en biedt kansen. De grote impact van digitalisering volgt uit de grote verwevenheid ervan in alle beleidsonderdelen van de overheid, van het fysiek domein tot democratie. Daarin helpt digitalisering om de samenleving beter te maken en de grote opgaven die er liggen aan te pakken. Dat gaat niet vanzelf er is nog veel te doen om de kansen van gisteren goed te pakken en klaar te zijn voor die van morgen. Het is ook duidelijk dat er risico’s en schade met digitalisering meekomen. Kwetsbaarheden en dreigingen nemen in het digitale domein toe. Landelijk presenteren het Nationaal Cyber Security Center (NCSC), Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) en de Informatie Beveiligingsdienst Gemeenten (IBD) dreigingsbeelden rondom integrale veiligheid, informatieveiligheid en cybersecurity. Deze geven een duidelijk beeld van ontwikkelingen, dreigingen en risico's die ook voor onze organisatie relevant zijn. Dit vraagt om extra inspanningen om de weerbaarheid op het gebied van informatieveiligheid te versterken en te borgen. Dit strategisch informatiebeveiligingsbeleid 2025-2029 is het beleidskader om informatie te beschermen, zodat de organisatie voldoet aan relevante wet- en regelgeving. Het draagt bij aan de weerbaarheid en wendbaarheid en aan een toekomstbestendige bedrijfsvoering en dienstverlening. Het strategisch beleid is de basis voor het tactische beleid en geeft daarmee de organisatie richting voor de verdere invulling van informatiebeveiliging op tactisch en operationeel niveau. Dit beleid is geldig tot en met 2029 en vervangt de vorige versies van het informatiebeveiligingsbeleid. Aanpassing van het beleid kan plaatsvinden op basis van voortschrijdend inzicht, zoals wijziging van organisatiedoelen, feedback en ervaring ten aanzien van de werkbaarheid, doelmatigheid en effectiviteit op basis van de uitvoering van het beleid, de stand van de techniek (nieuwe beveiligingstechnieken), nieuwe dreigingen of aanvalstechnieken en veranderingen aan wet- en regelgeving. Het informatiebeveiligingsbeleid van onze organisatie voldoet aan de geldende wet- en regelgeving en wordt toegepast volgens het principe “pas toe of leg uit”. 2.1Wat is informatiebeveiliging Onder informatiebeveiliging wordt verstaan: het treffen en onderhouden van een samenhangend pakket maatregelen om de betrouwbaarheid van de informatievoorziening aantoonbaar te waarborgen. Kernbegrippen daarbij zijn de Beschikbaarheid, Integriteit en Vertrouwelijkheid (BIV) van (persoons)gegevens en andere informatie. De primaire doelstelling van informatiebeveiliging is het aantoonbaar beheersen van risico’s door middel van een risicogebaseerde aanpak. Hiervoor wordt momenteel een managementsysteem voor informatiebeveiliging (ISMS) ingericht, geïmplementeerd, onderhouden en continu verbeterd. Deze aanpak draagt bij aan een moderne en veilige informatievoorziening en een effectief besturingsmodel. Informatiebeveiliging omvat organisatorische, fysieke, digitale én menselijke aspecten. De mens vormt daarbij de belangrijkste schakel. Om weerbaarheid te versterken en te behouden, is voortdurende aandacht voor al deze aspecten noodzakelijk. Informatieveiligheid is en blijft een bestuurlijke verantwoordelijkheid. Informatiebeveiliging is geen doel op zich, maar staat altijd in verhouding tot de gemeentelijke doelstellingen en de werkzaamheden die nodig zijn om deze te realiseren. 2.2Doel en reikwijdte van dit beleid Het strategisch informatiebeveiligingsbeleid 2025–2029 vormt het beleidskader voor de bescherming van informatie, zodat de organisaties voldoen aan hun zorgplicht en aan de relevante wet- en regelgeving. Dit beleid is gericht op de verdere implementatie van de BIO 2.0, draagt bij aan een verdere professionalisering van informatieveiligheid en hiermee aan het behalen van de organisatiedoelstellingen. Het strategisch beleid is de basis voor het tactische beleid en geeft daarmee richting voor de verdere invulling van informatiebeveiliging op tactisch en operationeel niveau. Dit beleid is van toepassing op alle processen, informatie, informatiesystemen en gegevens(verzamelingen) van de gemeente West Maas en Waal en daarnaast voor dit onderdeel betrokken externe partijen zoals leveranciers, het gebruik daarvan door medewerkers en (keten)partners in de meest brede zin van het woord, ongeacht locatie, tijdstip en gebruikte apparatuur. Het heeft betrekking op het (gemeente)bestuur, alle medewerkers, inwoners, gasten, bezoekers en externe relaties. Het borgt daarmee de informatiebeveiliging gedurende de hele levenscyclus van informatiesystemen. Binnen de gemeente wordt naast kantoorautomatisering ook Operationele Technologie (OT) ingezet. Met OT worden systemen bedoeld voor de besturing van apparaten door middel van Proces Automatisering. Op alle Proces Automatiseringssystemen (PA) die binnen de gebouwen en in de publieke ruimte van de gemeente worden gebruikt en waarvan de gemeente de eigenaar is, zoals gebouwbeheersingssystemen en bijvoorbeeld camera technologie of verkeer regel installaties, pompen en gemalen is dit beveiligingsbeleid ook van toepassing. 2.3 Eigenaarschap en evaluatie Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente is verantwoordelijk voor: - Beleidsbepaling: het vaststellen van dit beleid, het actief uitdragen van de uitgangspunten en het toezien op de naleving door het lijnmanagement. - Randvoorwaarden: het beschikbaar stellen van voldoende middelen en capaciteit, en het ondersteunen van de implementatie en naleving van dit beleid binnen de organisatie. De Chief Information Security Officer (CISO) is door het college gemandateerd om dit document te beheren en fungeert als inhoudelijk verantwoordelijke voor de actualiteit en toepasbaarheid van het Informatiebeveiligingsbeleid. De CISO evalueert dit beleid jaarlijkse en past het waar nodig aan op basis van veranderde inzichten, nieuwe wet- en regelgeving of technologische ontwikkelingen. De mandatering waarborgt dat de CISO zelfstandig kan optreden binnen de kaders van het college en tegelijkertijd verantwoordelijk blijft voor de coördinatie, implementatie en bewaking van het beleid. Bij significante wijzigingen wordt het beleid opnieuw ter vaststelling aan het college voorgelegd, zodat bestuurlijke verankering is geborgd. Op die manier blijft het beleid actueel, passend bij de ambities van de organisatie en in lijn met landelijke kaders zoals de BIO 2.0 en de NIS2-richtlijn. 2.4Communicatie Na vaststelling door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente West Maas en Waal wordt dit beleid gepubliceerd en via het lijnmanagement onder de aandacht gebracht van alle medewerkers. Waar relevant wordt het tevens gedeeld met externe partijen, zodat ook zij op de hoogte zijn van de geldende kaders en verplichtingen.

Rechtspraak bij dit artikel