**1..** Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheers handelingen tot stand moeten zijn gekomen.
**2..** De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5.
**3..** Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd.
**4..** Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties:
een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren.
een overschrijding op een open-einde regeling die niet konden worden gesignaleerd.
de overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage.
begrotingsafwijkingen die passen binnen het vastgestelde beleid van de raad en niet tijdig konden worden gesignaleerd.
begrotingsafwijkingen waarover de raad via een raadsvoorstel, raadsinformatiebrief of op andere wijze is geïnformeerd;
begrotingsafwijkingen als gevolg van een onttrekking aan een bestemmingsreserve op basis van realisatie voor zover deze onttrekking daarmee voor een gelijk bedrag overeenkomt met de realisatie van de (exploitatie)last, en de activiteit of het project nog niet is beëindigd en de resterende lasten volgen in het jaar na het verantwoordingsjaar.
begrotingsafwijkingen als gevolg van de verplichte uitgaven als bedoeld in artikel 193 Gemeentewet, te weten:
de renten en aflossingen van de door de gemeente aangegane geldleningen en alle overige opeisbare schulden;
de uitgaven die bij of krachtens de wet aan de gemeente zijn opgelegd;
de uitgaven die voortvloeien uit de van het gemeentebestuur gevorderde medewerking tot uitvoering van wetten en algemene maatregelen van bestuur, voor zover die uitgaven niet ten laste van anderen zijn gebracht;
**5..** Als in artikel 11.4 benoemd “tijdig” wordt uiterlijk de datum van de vaststelling van de jaarstukken van het jaar t-1 in het college verstaan.
**6..** Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor gezamenlijke fouten en onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.
**7..** Alle begrotingsafwijkingen (ook die ingevolge lid 11.4 niet in strijd zijn met het budgetrecht van de raad) worden definitief vastgesteld door de raad bij de vaststelling van de jaarrekening.
Hoofdstuk 3
Artikel 11.
Begrotingscriterium
Onderdeel van Verordening financieel beleid, beheer en organisatie gemeente Leudal