Als op grond van de wet of deze verordening meerdere woningzoekenden in aanmerking komen voor een huisvestingsvergunning wordt de rangorde door bemiddeling als volgt bepaald:
aan de woningzoekende met een uitvoerende functie in essentiële beroepen zal voorrang worden verleend om voor een woonruimte in aanmerking te komen, behoudens een eventuele wettelijke voorrangspositie;
aan de woningzoekende, wiens inschrijving voor een woning van eerdere datum is, zal voorrang worden verleend om voor een woonruimte in aanmerking te komen, behoudens een eventuele wettelijke voorrangspositie;
bij woonruimte met specifieke voorzieningen of kenmerken (bijvoorbeeld rolstoeltoegankelijk of grote eengezinswoning) kan worden afgeweken van de sub 1 en 2 genoemde volgorde.