Naar hoofdinhoud
1.. Het (doen) plaatsen, aanbrengen, herstellen, vernieuwen of verwijderen van de grafbedekking geschiedt door, voor rekening van en voor risico van de rechthebbende of de belanghebbende. 2.. De rechthebbende of de belanghebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te (laten) herstellen. Voor het schoonmaken van de grafbedekking zijn alleen biologisch afbreekbare middelen toegestaan. Het afval dat vrij komt bij het onderhoud dient door eenieder in de daarvoor aanwezige afvalbakken te worden gedeponeerd. 3.. Indien de rechthebbende of de belanghebbende nalaat de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kan het college de hiervoor in aanmerking komende voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking doen verwijderen, zonder dat deze tot enige vergoeding verplicht is. 4.. De verwijdering vindt niet plaats dan nadat het college de rechthebbende of de belanghebbende per brief op de hoogte is gesteld van de toestand van de grafbedekking. Wanneer het adres van de rechthebbende of de belanghebbende niet bekend is maakt het college de verklaring bij de ingang van de begraafplaats op het mededelingenbord bekend. Bij het graf wordt een verwijzing naar de mededeling aangebracht. 5.. Het college kan de rechthebbende of de belanghebbende per aanschrijving verplichten een beschadiging aan de grafbedekking te herstellen binnen de door het college gestelde termijn indien de beschadiging zodanig is dat deze naar het oordeel van het college het uiterlijk aanzien van de begraafplaats schaadt of indien de beschadiging van de grafbedekking gevaar op levert voor derden. 6.. Indien door een ondeugdelijke (geworden) constructie naar het oordeel van het college een gevaarlijke situatie is ontstaan, kan het college direct maatregelen treffen.

Rechtspraak bij dit artikel