Naar hoofdinhoud
Een ieder aan wie bij of krachtens dit besluit mandaat of ondermandaat is verleend, stelt Burgemeester en Wethouders tijdig in kennis van krachtens mandaat of ondermandaat te nemen of reeds genomen besluiten, waarvan hij redelijkerwijs moet aannemen dat kennisneming door hen gewenst is. Kennisgeving als bedoeld in het eerste lid, vindt in ieder geval plaats indien of bij: het voornemen een geconstateerde overtreding te gedogen; het voornemen tot het weigeren of intrekken van een vergunning of ontheffing, tenzij de toepasselijke regelgeving geen ruimte laat voor een andere beslissing of de intrekking geschiedt op verzoek van belanghebbende; het voornemen tot het opleggen of tot het effectueren van een last onder bestuursdwang; advies nodig is van anderen dan de gemandateerde en onder deze ressorterende medewerkers en dit advies niet aansluit op het eigen standpunt van de gemandateerde, dan wel niet tot dezelfde uitkomsten leidt; er een bovennormale kans aanwezig is dat het besluit ertoe leidt dat de gemeente aansprakelijk wordt gesteld; of andere maatschappelijke, beleidsmatige, politieke, juridische of financiële omstandigheden daartoe aanleiding geven. Indien, in geval van bestuursdwang, de vereiste spoed zich verzet tegen kennisgeving vooraf, dient kennisgeving zo spoedig mogelijk achteraf plaats te vinden. Burgemeester en Wethouders kunnen op grond van de kennisgeving, bedoeld in het eerste lid, ten aanzien van een voorgenomen besluit bepalen dat van het bij of krachtens dit mandaatbesluit verleende mandaat of ondermandaat geen gebruik mag worden gemaakt. Burgemeester en Wethouders voorzien de directeur van alle benodigde informatie ten behoeve van de invulling van zijn mandaat.

Rechtspraak bij dit artikel