Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Voorwaarden en criteria

Onderdeel van Subsidieregeling Maatschappelijk Sport- en Beweegfonds gemeente Barneveld

1.. Alleen sportverenigingen en -organisaties zonder winstoogmerk komen in aanmerking voor het Maatschappelijk Sportfonds. Aanvragen in combinatie met een andere maatschappelijke organisatie of het onderwijs kan alleen als de initiatiefnemer zelf een sportvereniging- of organisatie is en het doel van de aanvraag geschaard kan worden onder één van de omschreven doelen zoals opgesomd in artikel 1 van onderhavige regeling; 2.. De aanvrager mag geen privé persoon zijn en dient gevestigd en werkzaam te zijn in de gemeente Barneveld. De activiteiten moeten ook plaatsvinden binnen de gemeente Barneveld. 3.. Er mogen meerdere aanvragen per jaar worden ingediend, mits het verschillende activiteiten/projecten betreft. De activiteit waarvoor een aanvraag gedaan wordt dient geen herhalend project of terugkerende activiteit te zijn waar de aanvrager eerder subsidie voor heeft ontvangen vanuit het Maatschappelijk Sportfonds; 4.. Niet gesubsidieerd worden: kosten die betrekking hebben op maaltijden dan wel voedselvoorziening van organisatoren en deelnemers; activiteiten dan wel aanvragen die alleen gericht zijn op het eigen belang van de aanvrager; sportevenementen die onder het Evenementenfonds Barneveld vallen/ worden gesubsidieerd; overige kosten die niet vallen onder de genoemde doelen in artikel 1 van onderhavige Nadere Regel. 5.. Een aanvraag moet door middel van een elektronisch aanvraagformulier (te vinden op de gemeentelijke website) en uiterlijk 8 weken voor aanvang van de activiteit worden ingediend. In geval van een activiteit in januari, februari of maart kan de aanvraag ook in het subsidiejaar eraan voorafgaand worden ingediend; De aanvraag moet voorzien zijn van informatie over de inhoudelijke aanpak, het maatschappelijk doel, deelnemers, programma, planning en een sluitende begroting, eventueel onderbouwd met een offerte; Binnen vier weken na afronding van de activiteiten dient de vereniging of instelling een kort inhoudelijk en financieel verslag in te dienen. Het verslag dient de volgende onderdelen te bevatten: Wie (organisatie); Wat (initiatief, activiteit/project) voor welke doelgroep (aantal);Waar (accommodatie); Wanneer (dag/periode); Waarvoor (maatschappelijk doel); Resultaten. 6.. Als er meer aanvragen dan financiële middelen beschikbaar zijn, krijgen de volgende activiteiten voorrang: activiteit met een breed draagvlak in de lokale samenleving; of de activiteiten met eigen inkomsten en/of cofinanciering tot stand komen. Zo wordt rekening gehouden met de verhouding tussen de totale begroting en de hoogte van de aangevraagde subsidie. 7.. De ontvanger maakt actief publiciteit voor de activiteit en benoemt hierin de bijdrage van het Maatschappelijk Sportfonds.

Rechtspraak bij dit artikel