Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 41

Schriftelijke vragen

Onderdeel van Reglement van Orde van de Raad van de gemeente Noordenveld 2024

De schriftelijke vragen aan burgemeester en wethouders worden kort en duidelijk geformuleerd. De vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. Bij de vragen wordt aangegeven of schriftelijke of mondelinge beantwoording wordt verlangd. De vragen worden bij de voorzitter van de Raad ingediend. Deze draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige leden van de Raad en het College worden gebracht. Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen dertig dagen nadat de vragen zijn binnengekomen. Mondelinge beantwoording vindt plaats in de eerstvolgende besluitvormende vergadering. Indien beantwoording niet binnen deze termijnen kan plaatsvinden, stelt het verantwoordelijk lid van het College de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij aangegeven wordt de termijn waarbinnen beantwoording plaats zal vinden. Dit bericht wordt gelijktijdig naar de Raad gezonden. De antwoorden worden door het verantwoordelijk lid van het College aan de leden van de Raad medegedeeld en toegezonden. De vragen en antwoorden worden gelijktijdig met de stukken als bedoeld in artikel 10 aan de leden van de Raad toegezonden. De vragensteller kan bij schriftelijke beantwoording in de besluitvormende vergadering waarvoor de antwoorden zijn geagendeerd en bij mondelinge beantwoording in dezelfde vergadering, na de behandeling van de op de agenda voorkomende onderwerpen, nadere inlichtingen vragen over het door de burgemeester of door het College gegeven antwoord, tenzij de Raad anders beslist.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel