1 De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald bij de aanvang van het parkeren.
2 De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
3 Een naheffingsaanslag moet terstond worden betaald.
Artikel 7
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen Maasgouw 2010