**1..** Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij
De voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van dit reglement te herinneren;
Een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat de spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal afronden.
**2..** Indien een persoon die het woord voert, zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de desbetreffende persoon die het woord voert, hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats vindt, over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen.
**3..** De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - als na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten.
** 4. .** De voorzitter van een vergadering kan voorstellen een raadslid of burgerraadslid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd en wordt terstond gestemd. Na aanneming van het voorstel verlaat het lid of het burgerraadslid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig laat de commissievoorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan de raad het raadslid of het burgerraadslid bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering ontzeggen.
Een dergelijk voorstel wordt uitsluitend gedaan indien:
het raadslid of burgerraadslid vooraf tot de orde is geroepen;
minder ingrijpende maatregelen onvoldoende effect hebben gehad;
de maatregel noodzakelijk en evenredig is ter handhaving van de orde.
Het voorgaande genoemd onder a, b en c geldt niet in het geval van het vermoeden van een strafbaar feit.
Over het voorstel wordt niet beraadslaagd en wordt terstond gestemd.
Na aanneming van het voorstel verlaat het lid of burgerraadslid onmiddellijk de vergadering. Zo nodig kan de voorzitter hem doen verwijderen.
Bij herhaalde ernstige ordeverstoring kan de raad, overeenkomstig artikel 26 Gemeentewet, besluiten een raadslid of burgerraadslid voor ten hoogste drie maanden de toegang tot vergaderingen te ontzeggen.
Een dergelijk besluit wordt na de betreffende vergadering deugdelijk gemotiveerd door de burgemeester na het presidium gehoord hebbend. Het betreffende raadslid of burgerraadslid wordt binnen vijf werkdagen in kennis gesteld van de motivering.
Hoofdstuk 3: › Paragraaf 2.
Artikel 19.
Handhaving orde; schorsing
Onderdeel van 2e wijziging van het reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad Ouder-Amstel 2025