**1..** Een lid van de vergadering, een portefeuillehouder of een ander, die door de gemeenteraad is aangewezen tot lid van het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een ander gemeenschappelijk orgaan, ingesteld op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen heeft het recht verslag te doen over zaken die in het betreffende algemeen bestuur aan de orde zijn.
**2..** Ieder lid van een vergadering kan aan een persoon als bedoeld in het eerste lid, mondelinge vragen stellen. De regels voor het stellen van schriftelijke vragen, vastgesteld in artikel 6 van dit reglement, zijn van overeenkomstige toepassing.
**3..** Wanneer een lid van de raad een persoon als bedoeld in het eerste lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze van functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan daarvan.
**4..** Over een voorstel tot ontslag van een door de raad aangewezen lid van het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een ander gemeenschappelijk orgaan, als bedoeld in het eerste lid, wordt niet beraadslaagd dan nadat in een vergadering, ten minste veertien dagen tevoren gehouden, is besloten te verklaren dat de betrokken persoon niet meer het vertrouwen van de raad bezit als lid van het bedoelde bestuur.
**5..** Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op andere organisaties of instituties, waarin de raad één van zijn leden heeft benoemd.
Hoofdstuk 3: › Paragraaf 2.
Artikel 22.
Lidmaatschap van andere organisaties
Onderdeel van 2e wijziging van het reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad Ouder-Amstel 2025