Naar hoofdinhoud
1.. De rechten, welke worden geheven op de wijze als bedoeld in artikel 5, lid 1, zijn invorderbaar in één termijn, welke vervalt drie maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet. 2.. De rechten, welke worden geheven op de wijze als bedoeld in artikel 5, lid 2, worden verschuldigd en moeten worden betaald: waar het betreft de rechten, bedoeld in de tabel bij 1.1., 1.2., 1.3., 3.1., 3.2. en 3.3., ten tijde van de afgifte van de akte van verkrijging van het uitsluitend recht tot begraven in een eigen graf of het bijzetten van asbussen in urngraven c.q. voor de verlenging van dat uitsluitend recht voor een nieuwe periode: zoals op de nota, kennisgeving of andere schriftuur is aangegeven; waar het betreft de overige in dit lid bedoelde rechten, binnen 30 dagen na de dagtekening van de nota, herinnering of andere schriftuur.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel