Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Intrekking vergunning

Onderdeel van Verordening Speelautomatenhal Oss 2025

1.. De burgemeester trekt de vergunning in: indien de gegevens, die met het oog op de verkrijging van de vergunning zijn verstrekt, zodanig onjuist of onvolledig blijken, dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen als bij de beoordeling daarvan de juiste omstandigheden volledig bekend waren geweest; indien voor de speelautomatenhal niet de vergunning van kracht is, die ingevolge de voor die inrichting geldende bepalingen is vereist; niet langer wordt voldaan aan de krachtens artikel 30d, vierde lid onder a van de wet geldende eisen; in de gevallen bedoeld in artikel 30f, tweede lid van de wet; indien gehandeld wordt in strijd met deze verordening; 2.. De burgemeester kan de vergunning intrekken: indien de exploitatie van de speelautomatenhal voor een periode van langer dan zes maanden wordt onderbroken; indien niet binnen 12 maanden wordt voldaan aan de KEMA-criteria, of niet meer wordt voldaan aan de KEMA-criteria en aan de erkenningsvoorwaarden van de speelautomatenbranche (VAN); gehandeld wordt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften of beperkingen; de aanwezigheid van de speelautomatenhal de woon- en leefsituatie in de naaste omgeving en/of openbare orde naar het oordeel van de burgemeester op ontoelaatbare wijze nadelig beïnvloedt; als uit het Bibob-onderzoek blijkt dat er sprake is van een ernstig gevaar zoals bedoeld in de Wet Bibob. op verzoek van de ondernemer.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel