Bij uitzettingen bestaat er een onderscheid in uitzettingen uit hoofde van de publieke taak en uitzetting van overtollige financiële middelen.
10.1 Uitzettingen en garanties uit hoofde van de publieke taak
Voor uitzettingen en garanties uit hoofde van de publieke taak gelden de volgende specifieke uitgangspunten en richtlijnen:
Het college mag leningen of garanties verstrekken en/of participaties hebben vanuit zijn publieke taak;
Het college bepaalt of een garantie/participatie tot de publieke taak behoort. Het college neemt geen besluit dan nadat de raad zijn wensen en bedenkingen ter zake ter kennis van het college heeft kunnen brengen;
Indien van toepassing wordt bij het afgeven van garanties gebruikt gemaakt van de bestaande waarborgfondsen, zoals het Waarborgfonds Sociale Woningbouw, de Stichting Waarborgfonds Sport en het Waarborgfonds voor de zorgsector;
Uitgangspunt is dat bij de financiering passende hypothecaire en/of secundaire zekerheden worden gevestigd.
10.2Uitzetting van overtollige financiële middelen
Overtollige financiële middelen worden alleen uitgezet bij het Ministerie van Financiën, financiële instellingen, BVO Dienst Dommelvallei en/of haar deelnemers, volgens onderstaande uitgangspunten:
Overtollige financiële middelen vanaf het drempelbedrag, als opgenomen in de ‘Regeling schatkistbankieren decentrale overheden’, moeten worden aangehouden bij het Agentschap van het Ministerie van Financiën, het zogenaamde schatkistbankieren. Het schatkistbankieren wordt door de huisbankier automatisch verzorgd;
Tot aan het drempelbedrag kunnen overtollige financiële middelen worden uitgezet bij financiële instellingen, die voldaan aan de voorwaarden vermeld in artikel 5, en/of bij BVO Dienst Dommelvallei en/of haar deelnemers.