In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
Harddrugs: een middel als bedoeld in lijst I, behorende bij de Opiumwet.
Softdrugs: een middel als bedoeld in lijst II, behorende bij de Opiumwet.
Drugshandel: de verkoop, aflevering of verstrekking dan wel het daartoe aanwezig zijn van een middel als bedoeld in lijst I of II, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid, of een substantie die deel uitmaakt van een stofgroep als bedoeld in lijst IA of een preparaat daarvan.
Handelshoeveelheid: meer dan 0,5 gram, 5 milliliter, 1 pil, 1 bolletje, 1 ampul of 1 wikkel harddrugs, respectievelijk meer dan 5 gram softdrugs (voor lachgas meer dan 10 ampullen/ballonnen) en meer dan vijf hennepplanten.
Voorbereidingshandelingen: het voorhanden zijn van een voorwerp of stof als bedoeld in artikel 10a, eerste lid, onder 3° of artikel 11a, van de Opiumwet.
Betrokkene: de overtreder, de eigenaar van het pand, de (hoofd)bewoner(s) of degene die anderszins als rechthebbende op de zaak waarop de last betrekking heeft, kan worden aangemerkt (zie ook artikel 5:24, derde lid, van de Awb).
Hoofdstuk 7. › Paragraaf I.
Artikel 1.
Definities
Onderdeel van Beleidsregel artikel 13b Opiumwet gemeente Rijswijk 2026