3.1 Vervoersvoorziening naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school
**1..** Het college geeft een vervoersvoorziening voor de afstand tussen de woning van de leerling of de opstapplaats en de dichtstbijzijnde school die voor de leerling toegankelijk is. Dit geldt niet als vervoer naar een verder weg gelegen school het college minder kost en de ouders schriftelijk instemmen met het vervoer naar die school.
**2..** Pas als de ouders of de meerderjarige en handelingsbekwame leerling de keuze voor de toegankelijke school schriftelijk hebben gemeld, komen ze in aanmerking voor een vervoersvoorziening. Dit staat los van de bepaling in het 1e lid.
**3..** Het college houdt rekening met lid 1 en 2 van dit artikel en geeft ook een vervoersvoorziening voor de afstand tussen de woning/de opstapplaats en:
de dichtstbijzijnde speciale school voor basisonderwijs die deel uitmaakt van het samenwerkingsverband van de basisschool van de leerling of
een andere speciale school voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband dat onder a bedoeld wordt. Dit geldt als het vervoer naar die school het college minder kost dan het vervoer naar de speciale school voor basisonderwijs, zoals bedoeld onder a.
**4..** Het kan gebeuren dat de ouders een vervoersvoorziening aanvragen voor een school die verder weg ligt dan de dichtstbijzijnde toegankelijke school, omdat dáár het specifieke onderwijs wordt gegeven dat de leerling nodig heeft. Deze vervoersvoorziening wordt alléén gegeven als de volgende voorwaarden gelden:
de ouders hebben het college laten zien wat de specifieke en noodzakelijke onderwijsbehoefte van de leerling is.
de ouders hebben het college laten zien dat de dichtstbijzijnde school van de onderwijssoort waarop de leerling is aangewezen, niet geschikt is omdat deze school niet het noodzakelijke specifieke onderwijs biedt.
3.2 Afstandsgrens
**1..** Het college geeft een vervoersvoorziening als de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school voor:
basisonderwijs, zoals bedoeld in de Wet op het primair onderwijs, meer is dan 6 kilometer.
speciaal basisonderwijs, zoals bedoeld in de Wet op het primair onderwijs, meer is dan 6 kilometer.
speciaal onderwijs meer is dan 2 kilometer.
**2..** Als de ouders aantonen dat de leerling gehandicapt is, kan het college afwijken van het 1e lid. Er wordt dan geen afstandsgrens gehanteerd. As het nodig is, kan het college hierover advies vragen aan een onafhankelijke medisch deskundige. Deze deskundige neemt in zijn /haar advies de mogelijkheden van de gehandicapte leerling mee om zelfstandig (eventueel met begeleiding) met de fiets of het openbaar vervoer te reizen.
3.3 Aanwijzing opstapplaats
**1..** Het college kan bij het toekennen van aangepast vervoer een opstapplaats aanwijzen die de leerling moet gebruiken.
**2..** De ouders moeten ervoor zorgen dat de leerling naar en bij de opstapplaats wordt begeleid als dit nodig is.
**3..** Het college wijst in de volgende situatie geen opstapplaats aan: de ouders kunnen aantonen dat begeleiding van de leerling door henzelf of anderen onmogelijk is óf tot ernstige benadeling van het gezin leidt en een andere oplossing niet mogelijk is.
**4..** Het college wijst (tijdelijk) geen opstapplaats aan als het gebruik van een opstapplaats duurder is dan aangepast vervoer vanaf de woning van de leerling.
3.4 Peildatum leeftijd leerling
De leeftijd van de leerling op 1 augustus van het schooljaar waarin hij/zij de vervoersvoorziening nodig heeft, bepaalt of de leerling een vervoersvoorziening krijgt.
3.5 Andere vergoeding
Als een leerling een toelage voor reiskosten krijgt, dan wordt die afgetrokken van de bekostiging. Het kan ook gebeuren dat de toelage zelf betaald moet worden als eigen bijdrage.
3.6 Schooltijden en wachttijden
**1..** Betaling van het aangepaste vervoer vindt plaats op standaardschooldagen en standaardschooltijden. Dit zijn de schooldagen en schooltijden die in de schoolgids staan.
**2..** Als er binnen een school sprake is van verschillende lesroosters binnen de vaste schooltijden, kan het college het volgende besluiten: de leerling moet 1 of meerdere (les)uren wachten op het aangepaste vervoer, zodat dit aansluit op het normale leerlingenvervoer.
**3..** Het college betaalt het aangepaste vervoer op schooldagen en -tijden die afwijken van de dagen en tijden die in de schoolgids staan, niet. Het college kan hiervan afwijken als de ouders kunnen bewijzen dat de chronische beperking van een leerplichtige leerling aansluiting op standaardschooltijden onmogelijk maakt.
3.7 Tijdelijk verblijf buiten de gemeente
**1..** Het college kan een tijdelijke vervoersvoorziening voor een periode van maximaal 6 weken toekennen aan de ouders van een leerling die door een crisissituatie tijdelijk buiten de gemeente verblijft. Daarvoor gelden de volgende voorwaarden:
De leerling blijft zijn/haar eigen school bezoeken.
In de periode die voorafgaat aan het tijdelijke verblijf buiten de gemeente, is een vervoersvoorziening toegekend op basis van deze verordening.
Het is de bedoeling dat de leerling terugkeert naar de oorspronkelijke gemeente.
**2..** Het besluit voor een vervoersvoorziening stopt als de leerling tijdelijk buiten de gemeente verblijft. Het geldt weer als de leerling terugkeert, tenzij het besluit op dat moment niet meer geldig is.
3.8 Vervoersvoorziening naar stageadres
**1..** Als er al recht bestaat op een vervoersvoorziening naar een school voor voortgezet speciaal onderwijs of een school voor voortgezet onderwijs, kan het college op verzoek een vervoersvoorziening toekennen voor het vervoer naar een stageadres. Hiervoor is een aparte aanvraag nodig.
**2..** Het is mogelijk om af te wijken van de bepaling in artikel 2.1, 1e lid. De school voor voortgezet speciaal onderwijs of de school voor voortgezet onderwijs kan dan een aanvraag voor stagevervoer doen.
**3..** De vervoersvoorziening naar een stageadres wordt alleen toegekend onder de volgende voorwaarden:
De stage is onderdeel van het onderwijsprogramma dat in de schoolgids van de school of in het stagecontract staat.
De stagetijden komen overeen met de normale schooltijden.
De stage vindt plaats op 1 stageadres.
Het stageadres ligt op de route van de woning of de opstapplaats naar de school. Als blijkt dat dit niet mogelijk is, dan kan het college bepalen dat het stageadres ook binnen een straal van maximaal 10 kilometer van de woning of de school mag liggen.
**4..** Het college kent alléén een vervoersvoorziening toe voor de afstand tussen de woning van de leerling/de opstapplaats en het dichtstbijzijnde stageadres dat voor de leerling toegankelijk is.
**5..** Het college kan het stagecontract opvragen.
Artikel 3:
Beoordelingsfase
Onderdeel van Verordening bekostiging leerlingenvervoer gemeente Eemnes 2025