Het primaat van verhuizen kan geen automatisme zijn.
Het college kan woonvoorzieningen verstrekken in de vorm van een woningaanpassing; en/of hulpmiddelen om zich in en om de woning te verplaatsen. Hierbij geldt dat er een direct verband bestaat tussen de beperkingen die de inwoner ondervindt en één of meer bouwkundige of woontechnische kenmerken van de woning, bijvoorbeeld de trap, het bad, drempels, de keuken of de breedte van de deuropeningen.
Daarnaast moeten de beperkingen hem of haar belemmeren in het toegang verkrijgen tot en/of gebruik van essentiële woonruimten. Hobby en recreatieruimten vallen hier niet onder, tenzij de woning of een van de essentiële woonruimten uitsluitend via (een van) deze ruimten te bereiken is. Ook worden geen aanpassingen vergoed voor voorzieningen met een therapeutisch doel zoals dialyseruimte en therapeutische baden.
Wanneer een beperking optreedt, dan zijn 2 mogelijkheden aan de orde:
de woning aanpassen eventueel met aanvullende woonvoorzieningen of
verhuizen naar een geschiktere woning/ een verhuiskostenvergoeding aanbieden
In de (belangen)afweging of een woonvoorziening moet worden aangeboden in de vorm van een woningaanpassing of een verhuiskostenvergoeding, kunnen de volgende onderdelen uitmaken van de beoordeling, afhankelijk van de individuele situatie:
Aanwezigheid van een passende woning
Als er een passende woning voorhanden is, kan volstaan worden met het verstrekken van een verhuiskostenvergoeding. Is een passende woning binnen (medisch aanvaardbare) termijn beschikbaar, dan kan ter overbrugging de huidige woning met de meest noodzakelijke kleine aanpassingen adequaat gemaakt worden ter overbrugging tot een verhuizing. In dat geval kunnen beide voorzieningen naast elkaar verstrekt worden.
De gezondheidssituatie van cliënt en huisgenoten
De vraag is of cliënt en/of diens huisgenoten in staat kunnen worden geacht te verhuizen. Of leid verhuizing tot toename van gezondheidsklachten. Hiervoor is vaak een medisch advies noodzakelijk.
De afstand tot voorzieningen waar cliënt gebruik van maakt
De wil van cliënt om te gaan verhuizen
Het is niet mogelijk de cliënt te dwingen om te verhuizen. Het is echter ook niet zo dat de gemeente dan helemaal niets hoeft te doen. Als een verhuizing de goedkoopst adequate oplossing is, maar de cliënt kiest ervoor om toch niet te verhuizen, dan kan hij in aanmerking komen voor een PGB ter hoogte van de verhuiskostenvergoeding in natura, waarmee hij de eigen woning kan aanpassen. Uit de door de cliënt in te dienen offerte(s) moet voldoende blijken dat de door de cliënt aan te brengen voorzieningen een duurzame oplossing bieden voor de problematiek van de cliënt. De cliënt komt niet in aanmerking voor een woonvoorziening, tenzij er sprake is van niet-voorziene wijzigingen in de beperkingen van de cliënt, welke ook bij een andere, passende woning hadden geleid tot aanpassingen.
In hoeverre is de huidige woning al aangepast
Als de huidige woning al is aangepast ligt het in de lijn der verwachting dat eventuele aanvullende aanpassingen ook gerealiseerd worden. De gemeente heeft tenslotte eerder al kosten gemaakt. Of de bewoner heeft zelf al geld geïnvesteerd om de woning geschikt te maken. Er is een uitzondering namelijk als er een verhuiskostenvergoeding is toegekend, maar de client niet is verhuisd. En, deze verhuiskostenvergoeding is aangewend voor een duurzame oplossing voor het woonprobleem. Daarnaast kan de client al eerder in gesprek zijn geweest met de gemeente met als resultaat dat verhuizen de goedkoopst adequate oplossing is.
De medisch aanvaardbare termijn
Voor de vraag wat een medisch aanvaardbare termijn is, is medisch advies nodig.
Sociale omstandigheden
Hieronder valt ook de beoordeling van mantelzorg in de directe omgeving. Is deze mantelzorg ‘verplaatsbaar’, of ontstaat bij verhuizing een nieuw probleem door het wegvallen van deze vorm van ondersteuning.
Eventuele stijging in de woonlasten
Kunnen deze kosten gecompenseerd worden door huurtoeslag?
Is de huidige woning eigendom van cliënt
Als er sprake is van een eigen woning: leidt een verhuizing tot een onacceptabel financieel nadeel als gevolg van de verkoop van de huidige woning? Zal de woning naar verwachting binnen een redelijke termijn verkocht kunnen worden?
Het onderzoek naar bovengenoemde, en andere niet beschreven punten, vindt zoveel als mogelijk plaats in de onderzoeksfase na het doen van de melding. Hierbij geldt de volgende volgorde;
Voor een algemeen beeld over de verschillende onderdelen heeft de medewerker Wmo een gesprek met cliënt en andere betrokken mensen uit het sociaal netwerk.
Voor duidelijkheid over medisch gerelateerde vragen wordt altijd een medisch advies opgevraagd;
Voor de bouwkundige vragen over beoogde aanpassingen schakelt de gemeente afdeling bouwzaken in.
Als uit het onderzoek blijkt dat een verhuizing geen goede oplossing is voor de cliënt, zal worden overgegaan tot aanpassing van de huidige woning. Uitgangspunt is hierbij dat de cliënt nog ten minste 5 jaar met de aanpassingen in de woning kan blijven wonen.
Als de huurwoning volledig aangepast is voor bijvoorbeeld rolstoelafhankelijke cliënten, dus een grote woningaanpassing, dan dient de woning altijd beschikbaar te zijn voor deze doelgroep. Als de cliënt verhuist of overlijdt, dan moeten de overige huisgenoten verhuizen, zodat de woning weer beschikbaar komt. Dit staat opgenomen in het huurcontract en Kleurrijk zal hierin bemiddelen. Er wordt een tegemoetkoming in de verhuiskosten toegekend vanuit de Wmo.
Als uit het onderzoek blijkt dat aanpassing van de huidige woning geen adequate, duurzame oplossing biedt voor de cliënt, zal de cliënt het advies krijgen te verhuizen naar een meer geschikte woning.
Geen woonvoorziening wordt verstrekt:
Voor zover de beperkingen voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen;
Ten behoeve van hotels/pensions, trekkerswoonwagens, tweede woningen, vakantie- en recreatiewoningen, ADL-clusterwoningen en gehuurde kamers, met uitzondering van een voorziening voor verhuizing en inrichting;
Ten behoeve van specifiek op personen met beperkingen en ouderen gerichte woongebouwen voor wat betreft voorzieningen in gemeenschappelijke ruimten of voorzieningen die bij (nieuw)bouw of renovatie zonder noemenswaardige meerkosten meegenomen kunnen worden;
Indien de noodzaak het gevolg is van een verhuizing waarvoor geen aanleiding bestaat op grond van beperkingen bij de zelfredzaamheid of participatie en er geen belangrijke reden voor verhuizing aanwezig is;
Indien cliënt niet is verhuisd naar de voor zijn of haar beperkingen op dat moment meest geschikte woning, tenzij daarvoor vooraf schriftelijke toestemming is verleend door het college.
Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.6.
Artikel 5.6.3
Afweging verhuizen of woning aanpassen
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Culemborg 2026