Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.8.

Artikel 5.8.1

Criteria voor Beschermd Wonen

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Culemborg 2026

De cliënt maakt aanspraak op beschermde woonomgeving, indien: Er sprake is van psychiatrische problematiek; Cliënt niet zelfstandig kan leven en een mogelijk gevaar voor zichzelf of anderen vormt; Cliënt vaardigheden mist om zich staande te houden in een individuele zelfstandige woonomgeving; Cliënt afhankelijk is van anderen als het gaat om oordeelsvorming over essentiële zaken in het dagelijks bestaan; Cliënt niet of niet altijd in staat is om op relevante momenten hulp in te roepen. Het betreft het niet adequaat kunnen alarmeren; Als bij cliënt niet wordt voldaan aan de regiobinding , dan dient er een regeling te worden getroffen met de regio, die het meest geschikt is voor cliënt. De beoordeling van de aanspraak op beschermd wonen voor inwoners van regio Rivierenland wordt uitgevoerd door de GGD Gelderland Zuid. Centrumgemeente Nijmegen is verantwoordelijk voor de uitvoering.

Rechtspraak bij dit artikel