Het spreekt voor zich dat de ondersteuning gericht moet zijn op de inwoner, met zijn belangen en wensen als uitgangspunt. Dit kan daarom ook te maken hebben met de samenwerking tussen de budgethouder (inwoner) en de ondersteuner. Gaat het om derden die in dienst zijn bij een professionele organisatie of als ZZP-er werkzaam zijn, dan zijn kwaliteit en inwonergerichtheid onderdeel van de professionele standaarden die gelden binnen de beroepsgroep.
Aangewezen op professionele ondersteuning
Uit de vastgestelde noodzaak van de maatwerkvoorziening (natura) zal doorgaans blijken of de inwoner -gelet op de problematiek- aangewezen is op professionele ondersteuning. Dat wil zeggen dat aan de ondersteuning specialistische eisen verbonden zijn die (alleen) een beroepskracht kan bieden. Denk in dit geval ook aan de noodzaak van voldoende professionele distantie (CRVB:2021:2987). Wanneer het college dat heeft vastgesteld, dan kan (mag) de ondersteuning niet worden geboden door een persoon uit het sociaal netwerk (CRVB:2022:724). De budgethouder zal een door het college goed te keuren professionele ondersteuner moeten inschakelen. Lukt dat niet, dan weigert het college het pgb en zal, indien mogelijk, een maatwerkvoorziening in natura worden verstrekt.
Sociaal netwerk
Het college beoordeelt in ieder geval of:
de inwoner zijn keus om de betreffende persoon uit het sociaal netwerk in te schakelen voldoende kan motiveren (zie ook bij pgb-vaardigheid).
de persoon uit het sociale netwerk op geen enkele wijze druk uitoefent op de inwoner bij de besluitvorming. Dat wil zeggen de inwoner mag niet door deze persoon worden beïnvloed (zie ook bij pgb-vaardigheid). Het ligt voor de hand dat het college een gesprek heeft met de inwoner zonder dat de betreffende persoon uit het sociale netwerk daarbij aanwezig is. Het college kan ervoor zorgen dat de inwoner bij dat gesprek gebruik kan maken van een onafhankelijke cliëntondersteuner.
de persoon uit het sociale netwerk in staat is om de noodzakelijke ondersteuning te bieden. En zo ja, waar blijkt dat uit?
voldoende aannemelijk is dat de persoon aan wie het pgb wordt besteed niet overbelast is of dreigt te geraken.
de persoon uit het sociale netwerk de omvang/intensiteit van de ondersteuning wel kan bieden. Denk in dit geval aan de 40-urige werkweek die deze persoon heeft. Reguliere werkzaamheden, maar ook andere activiteiten kunnen daarbij een rol spelen.
de kwaliteit van de ondersteuning voldoende is gewaarborgd. Naar gelang de mate van beperkingen (kwetsbaarheid) van de inwoner zullen de kwaliteitseisen in het algemeen strenger mogen zijn.
voldoende distantie aanwezig is. Dit kan een belangrijke rol spelen bij het bereiken van het resultaat. Zo kan te veel (emotionele) betrokkenheid van de persoon uit het sociale netwerk een negatief effect hebben op de relatie inwoner-ondersteuner. De inwoner kan daardoor ook (te) afhankelijk worden van de persoon uit het sociale netwerk.
Professionele ondersteuner
Het kan gaan om een derde die in dienst is bij een professionele organisatie of als ZZP-er werkzaam is. Het college beoordeelt in ieder geval of:
de ondersteuning aansluit aan bij de vastgestelde beperkingen van de inwoner.
de ondersteuner de omvang/intensiteit van de ondersteuning kan bieden. Deze vraag zal zich voornamelijk voordoen bij ZZP-ers. Die zullen namelijk ook door andere budgethouders (inwoners) kunnen worden ingekocht. Denk in dit geval aan de 40-urige werkweek.
de beoogde ondersteuner niet al (te) lang betrokken is bij de budgethouder (inwoner), zijn gezin en/of personen uit het sociaal netwerk. Dat wil zeggen dat het college onderzoek doet naar de vraag of er nog wel sprake is van voldoende professionele distantie om het vastgestelde resultaat te bereiken. Dat kan bijvoorbeeld blijken uit de evaluatie van een eerdere indicatie.
Hoofdstuk 7 › Paragraaf 7.2.
Artikel 7.2.2.8
Kwaliteit en inwonergericht
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Culemborg 2026