**1.1.** In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
Huishouden: twee personen die fiscaal partner en toeslagpartner van elkaar zijn voor het jaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft en die tevens aan te merken zijn als alleenverdiener.
Alleenverdiener: het huishouden dat:
een inkomen heeft uit een uitkering, niet zijnde een uitkering op grond van artikel 19 Participatiewet, eventueel aangevuld met een uitkering op grond van de Participatiewet en;
vergeleken met een vergelijkbaar huishouden, waarvoor het inkomen uit enkel een uitkering op grond van artikel 19 Participatiewet bestaat, een lager bedrag aan tegemoetkomingen met toepassing van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen ontvangt, als gevolg van de verschillende afbouwpaden van de dubbele algemene heffingskorting, bedoeld in artikel 37, tweede lid, Participatiewet en in artikel 8.9 van de Wet inkomstenbelasting 2001 en;
een netto-inkomen en tegemoetkomingen met toepassing van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen ontvangt dat in totaal lager ligt dan bij een vergelijkbaar huishouden waarvoor het inkomen uit een uitkering enkel bestaat uit een uitkering op grond van artikel 19 Participatiewet, vanwege hetgeen genoemd is onder sub b.
Vaste tegemoetkoming: de tegemoetkoming als bedoeld in artikel 78gg Participatiewet, welk bedrag voor de kalenderjaren 2025, 2026 en 2027 per jaar wordt vastgesteld bij ministeriële regeling.
College: het college van burgemeester en wethouders.
** 1.2 .** Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Beleidsregels Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek gemeente Laarbeek 2025, 2026 en 2027