De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf met overnachten door degene die:
als verpleegde of verzorgde in een inrichting tot verpleging of verzorging van zieken, gebrekkigen, hulpbehoevenden of ouden van dagen verblijft;
tijdelijk in de gemeente verblijft voor het uit hoofde van zijn beroep verrichten van werkzaamheden of voor het volgen van lessen of cursorische voordrachten;
als deelnemer aan een conferentie verblijft in een conferentieoord;
tijdelijk in de gemeente verblijft als deelnemer aan een zogenaamde schoolweek;
als gebruiker van een woonwagen of woonschip als bedoeld in de Woonwagenwet onderscheidenlijk in de Wet op woonwagens en woonschepen, daarin overnacht;
verblijf houdt in een gemeubileerde woning indien ter zake van het verblijf in of het beschikbaar houden van die woning forensenbelasting is verschuldigd.
van een asielzoeker, zijnde een vreemdeling als bedoeld in artikel 15, eerste lid van de Vreemdelingenwet 2000, die een asielverzoek heeft ingediend waarover nog geen onherroepelijke beslissing is genomen, van degene die een asielverzoek heeft ingediend waarop negatief is beslist en van een verblijfsgerechtigde, die op basis van artikel 9, 10 of 15 van voornoemde wet een verblijfsvergunning heeft, voor zover deze personen verblijf houden in een gelegenheid als bedoeld in artikel 2, in het kader van de centrale opvang onder verantwoordelijkheid van het ZBO Centrale Opvang Asielzoekers.
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2010