Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2010

Het aantal personen dat heeft overnacht wordt met betrekking tot: vakantie-onderkomens en niet-beroepsmatig verhuurde ruimten bepaald op: 3 personen indien het aantal slaapplaatsen 4 of minder bedraagt; 4 personen indien het aantal slaapplaatsen meer dan 4 bedraagt; mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen bepaald op: 2 personen indien het aantal slaapplaatsen 3 of minder bedraagt; 3,5 personen indien het aantal slaapplaatsen meer dan 3 bedraagt; mobiele kampeeronderkomens op niet vaste standplaatsen bepaald op de som van het aantal kampeeronderkomens bestemd voor verblijf van maximaal drie personen, vermenig-vuldigd met twee en het aantal kampeeronderkomens bestemd voor verblijf van meer dan drie personen, vermenigvuldigd met drie. Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht wordt: indien verblijf wordt gehouden in vakantie-onderkomens, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten dan wel op vaste standplaatsen welke geschikt zijn voor het gebruik of slechts gebruikt mogen worden gedurende een periode van: ten hoogste drie maanden bepaald op 40; meer dan drie doch ten hoogste zes maanden bepaald op 50; meer dan zes doch ten hoogste negen maanden bepaald op 65; meer dan negen maanden bepaald op 80; indien verblijf wordt gehouden in mobiele kampeeronderkomens op niet vaste stand plaatsen bepaald op 365. Het aantal mobiele kampeeronderkomens als bedoeld in het eerste lid, letter c, wordt vastgesteld op het gemiddelde van een zestal tellingen gedurende het belastingjaar, waarbij iedere telling valt binnen een afzonderlijke periode van twee maanden.

Rechtspraak bij dit artikel